26-04-09

2100!


Ratinglijst mei 2009

Terwijl het NK Jeugd in volle gang is, zit ik hier in Limburg op internet mee te kijken. Leuke duels: Ewood tegen Tom Meurs, Large tegen Stefan Kuipers (!) en natuurlijk Robin - Robin. Ewood heeft ondertussen remise gespeeld en ik was benieuwd of iemand nog wat schreef op Utrechtschaak. Dat viel tegen, al kwam ik wel een voorproefje van de nieuwe ratinglijst tegen. Dat beviel me wel. Onlangs vroeg ik me af wat m'n nieuwe rating zou worden. Ik was benieuwd of ik de 2100-grens zou benaderen. Tot mijn geluk (en verbazing) bleek dit gelukt te zijn: ik heb 2100!!!

Ik heb nu de 2100 gehaald. Eerdere mijlpalen:

Eerste rating: 1555 op 2000-09

1600 2001-09 (1669)
1700 2002-05 (1702)
1800 2004-08 (1853)
1900 2004-11 (1917)
2000 2007-11 (2010)
2100 2009-05 (2100)

En hoe deden de anderen het?

Jeugd:
Vin$ 2323 (2331)
Large 2266 (2262)
Ewood 2178 (2161)
Behirder 2100 (2068)
PJF 2097 (2092)
Lenaard 2095 (2118)

En verder:
Robin Oscar 2373 (2316)
Pinda 1983 (1956)
Mug 1983 (1973)
Sizzel 1925 (1925)
De witte 1864 (1834)
KC 1794 (1793)
Bart 1736 (1715)

Overige BSG'ers:
Hans Ree 2409 (2419)
Leon Pliester 2355 (2361)
Henk van der Poel 2258 (2257)
Ton van der Heijden 2256 (2243)
Emile Wüstefeld 2218 (2218)
John Markus 2130 (2143)
Tom de Ruiter 2092 (2105)
Theo Slisser 2088 (2118)
Coen van der Heijden 2083 (2090)

Eindelijk toegetreden tot het rijk van 2100-spelers. Ik ben tevreden. :)

Gerelateerde artikelen:
2100?; 22-04 2009

22-04-09

Het witvoordeel

Statistiek


Met schaken is het een voordeel om de eerste zet te mogen doen. Niet voor niets wordt er bij het indelen goed op gelet dat iedere speler even vaak wit als zwart krijgt, want iedereen wil natuurlijk met wit spelen. Hoewel... Er zijn uitzonderingen. Sommige mensen zijn meer reactief ingesteld dan dat ze het initiatief nemen.

Voor de een is elke schaakpartij er weer een, voor de ander zijn de witpartijen smakelijke cadeautjes en de zwartpartijen een last. In theorie scoort wit dan ook beter dan zwart. In de databases scoort wit zo'n 54-55 %. Het betekent eigenlijk dat wit zo'n 8 à 10 procentpunt meer scoort; voor ieder punt dat zwart scoort, scoort wit er ongeveer 1,2.

Het witvoordeel is een manier om een beeld te krijgen van wat een ratingverschil nou precies uitmaakt. Volgens de TPR-formule correspondeert een 54-46 of 55-45 witvoordeel met 28 of 35 ratingpunten meer. Toch is het de vraag of deze simplistische benadering standhoudt. In databases zitten veel partijen, waarin de spelers vaak niet van een gelijk niveau zijn. Hoe groter het niveauverschil, hoe kleiner het witvoordeel (de sterkste speler wint met beide kleuren wel.) Hierdoor kan het echte witvoordeel wel eens groter kunnen zijn dan wordt beweerd.

Tabel met verwachte scores bij een witvoordeel van 28 punten:

Ratingverschil, witscore, zwartscore, verschil
000 0,54 0,46 0,08
100 0,40 0,32 0,08
200 0,27 0,21 0,06
300 0,17 0,13 0,04

Het absolute witvoordeel neemt af, relatief gezien neemt het juist toe. (!) In de database staan echter harde scores en daarin wordt het witvoordeel verkleind.

Database
Ik heb daarom maar eens mijn eigen database geraadpleegd. Er staan 3.209.775 partijen in. In 1.237.972 partijen won wit, in 992.260 trok zwart aan het langste eind en in 976.027 partijen werd het remise. De kansen zijn ongeveer 54-46 voor de witspeler. Ik was echter meer benieuwd naar de TPR's. Wits TPR is 2257, die van zwart 2203. Daar zit dus een verschil van 54 (!) punten in. Omgerekend levert dit een kansverhouding van 58-42 op, hoewel daarbij ook wel kanttekeningen zijn te plaatsen. Zo zijn er veel unrated partijen uit een grijs verleden en zitten er vreemde evenementen bij als simultaans en snelschaakpartijen. Daarnaast zijn de gemiddelde ratings van wit en zwart (2251 en 2249) gemiddeld hoger dan hun TPR's.

Eigen ervaring
Daarom ga ik de theorie van het witvoordeel op mezelf betrekken. Als beginner maakt het witvoordeel helemaal niks uit. Degene die de minste stukken in laat staan, wint gewoon. Toen ik later beter werd (of minder slecht), begon ik met zwart eerder tegen mijn beperkingen op te lopen. Met wit won ik meestal soepeltjes van zwakkere tegenstanders, met zwart moest ik flink m'n best doen en soms lukte het me gewoon niet om te winnen.

2002
Het begon me pas tot me door te dringen toen ik een jaar of vijftien was. Zo streed ik in 2002 met Jeroen Bügel om het kampioenschap in het SGS-PJK. Eindelijk had ik geen last meer van Jesper Nederlof en Sander van Eijk en toen ik in de tweede (!) ronde remise speelde tegen mijn concurrent (nadat ik slecht had gestaan), voorspelden de omstanders iets van dat we elkaar in de beslissingswedstrijden weer tegen zouden komen. Waar Jeroen in het vervolg alle partijen won, won ik alleen met wit. Met zwart scoorde ik 1 uit 3.

Blij was ik dan ook dat ik een half jaar later wel won met zwart in Hengelo. Helaas verloor ik toen steeds met wit. Het toernooi werd dan ook een ramp toen ik niet meer van de zwakkere tegenstanders kon winnen.

2004
In 2004 had ik een topjaar, waarin ik gedeeld tweede werd in het OKU. Ook in Hengelo ging het goed, maar met de externe competitie ging het minder. Ik verloor met wit van Dick Schenkeveld en dat is me nog lang nagedragen. BSG 2 moest promoveren en we konden al niet eens winnen van een degradatiekandidaat. "Zit ik met moeite een remise binnen te halen tegen een sterke jeugdspeler, verliest die gast binnen twee uur met wit", was ongeveer de gedachte van de teamleider. Het was een beetje de BSG-mentaliteit, die me met name was ingegeven door de oudjes. Voor hun is een zwartremise heilig en mag je met wit eigenlijk niet verliezen.

Met de komst van Leon Pliester als trainer werd ik degelijker. Ik speelde in het begin van het seizoen tegen hem en ik meende een leuke truc te zien, die hij echter a tempo weerlegde. Met een stuk minder was het al gauw einde oefening. Door zijn trainingen maakte ik kennis met de kracht van een echte meester en ik was onder de indruk. In het eerste seizoen zaten we nog bij Tom de Ruiter, later werden de trainingen bij ons ondergebracht.

2005
In 2005 had ik nog weinig profijt van deze trainingen. Het voorjaar was brak qua resultaten en Hengelo was een heel slecht toernooi. Pas toen ik econometrie ging studeren, werd ik sterker. Dat vertaalde zich nog niet meteen naar goede resultaten: te vaak verprutste ik een goede stelling, maar ik had het idee dat ik een stuk beter was geworden. Een groot probleem begonnen mijn zwartpartijen te worden, waarin ik veel foutgevoeliger bleek, wat me drie kampioenschappen kostte.

2006
Door een gebrek aan resultaten met zwart bleef een ratingsprong uit. Toen Le en La bij de club kwamen, keek ik mijn ogen uit toen ik zag hoe weinig zij met zwart in de problemen kwamen. Het was de eerste competitieronde van het seizoen 2006-2007 en ik werd als volgt van het bord gepoeierd:

F Schoffelmeer - J de Groote, 3e klasse KNSB
    
1. e4 e5 2. Nf3 Nc6 3. Bb5 a6 4. Ba4 Nf6 5. O-O Be7 6. Re1 b5 7. Bb3 d6 8. c3 O-O 9. h3 Na5 10. Bc2 c5 11. d4 Nd7 12. dxc5 dxc5 13. Nbd2 Qc7 14. Nf1 Rd8 15. Ne3 Nb6 16. Nd5 Nxd5 17. exd5 Bf6 18. Ng5 Bxg5 19. Bxg5 f6 20. Qd3 fxg5 21. Qxh7+ Kf8 22. Re3 g4 23. Qh8+ Kf7 24. Qh5+ Kg8 25. hxg4 g6 26. Bxg6 Nc4 27. Rf3 Nd6 28. Qg5 Bxg4 29. Bf7+ Kf8 30. Qh6+ Ke7 31. Qf6+ Kf8 32. Be6+ Nf7 33. Qh8+ Ke7 34. Rxf7+ Kd6 35. Qh4 1-0


Dit waren de partijen die me zo'n hekel gaven aan met zwart spelen. Daarom probeerde ik altijd met wit goede resultaten te behalen, omdat het me met zwart niet lukte. Met wit wilde ik dan remise schuiven tegen sterkere tegenstanders en het lukte aardig.

2007
De remises met zwart begonnen aardig te lukken en in de zomer won ik zelfs partijen met zwart. Eindelijk passeerde ik de 2000-grens!

2008
De resultaten bleven goed. Met zwart scoorde ik best behoorlijk en met wit was ik nog steeds vrij solide, al was het iets minder solide dan vroeger. Ik speelde echter vrij weinig toernooien en de meesterklasse was zwaar.

2009
Ik lijk het remiseschuiven tegen sterke spelers aardig onder de knie te krijgen... (a) Om te kunnen vlammen op het Pinkstertoernooi moet ik echter ook tegen zwakkeren kunnen beuken.

Als positionele speler heb ik meer last van het zwartnadeel. De partijen zijn vaak rustig, waardoor wits voordeeltje vaak lang in stand blijft. Zelf probeer ik zo'n witvoordeeltje lang vast te houden tegen sterkere tegenstanders, terwijl die sterkere tegenstanders juist moeilijk te stoppen zijn met wit. Een blik in de statistieken spreekt boekdelen.

Ik maakte eens een database aan waarin ik alle (?) partijen van eind 2005 en begin 2006 bewaarde. Het zijn veel partijen van de interne competitie. Met wit had ik een kleine plusscore (+10, =7, -8) en met zwart een kleine minscore (+9, =5, -11). De statistieken van de partijen die ik voor FIDE-rating heb gespeeld, zijn nog schever. Met wit heb ik een kleine plusscore (+10, =10, -7) en met zwart een minscore (+5, =13, -11).

Tactische spelers maken vaak meer rotzooi, waardoor hun witvoordeel vrij klein is, hoewel sommigen ook met wit lekker kunnen aanvallen. Wel is het een idee om met wit "saai" te spelen en met zwart meer "alles of niets". Dan heb je wel profijt van het witvoordeel, maar voel je het zwartnadeel minder. Het omgekeerde lijkt me minder slim.

Kneuzenprakkers
Wat ik me afvraag, is of tactische spelers beter zijn in het bestrijden van sterkere spelers, of dat positionele spelers dat beter kunnen. Tactische spelers kunnen briljant zijn, maar soms schieten ze zichzelf dom in de voet. Positionele spelers spelen vaak geroutineerd hun stukken in het rond en maken het zwakkere tegenstanders daarmee vaak lastig. Sterkere tegenstanders weten daar vaak wel raad mee en krijgen dan zelf de overhand, waarna ze tactisch beter zijn en winnen. Aan de andere kant is de remisefactor hoger bij positionele spelers.

Glicko
Op Wikipedia staan namelijk verschillende ratingsystemen beschreven. Een interessant systeem is het Glicko-ratingsysteem, dat rekening houdt met de variatie in speelsterkte van een speler. De ene speler is elke keer ongeveer even goed, de andere speler heeft hele goede dagen en hele slechte. Ik heb geen idee hoe het werkt, maar het lijkt me wel komisch als de speelsterkte van een speler uit twee parámeters bestaat: de speelsterkte en de standaarddeviatie. De standaarddeviatie zegt dan iets of de speler een reuzendoder is of juist een kneuzenprakker.

Terug in de tijd
Hoewel het huidige ratingsysteem pas in de jaren 80 van de vorige eeuw langzaam zijn intrede heeft gedaan, zijn er manieren bedacht om de speelsterkte van de oude meesters van vroeger te kwantificeren. Zo kwam ik het Sonas-ratingsysteem tegen, waarin de oude meesters qua prestaties worden vergeleken met nu. Een zwak punt hieraan is dat het niveau vroeger veel lager was dan nu. Ook toen hadden de wereldkampioenen vorstelijke 2700-ratings, terwijl hun tegenstanders op het niveau zaten dat wij tegenwoordig "2100" noemen.

Ook is er in dit systeem sprake van een witvoordeel en is de curve voor de verwachte scores gelineariseerd, omdat dat beter bij de data zou passen. Kansverdelingen kunnen nooit volledig lineair zijn, dus dat is het gebrek van het systeem. Daarnaast worden ratings automatisch gecorrigeerd totdat de verwachte scores gelijk zijn als in het model.

Terug naar de ratings. Tegenwoordig moet je knap geniaal zijn om 2700 te halen en "zelfs" 2600 is heel wat. Toch hadden de (groot)meesters van de jaren '70 enorm hoge ratings. Zo heeft Leon Pliester in het begin van de jaren '80 volgens deze methode een grootmeesterrating gehad. Nu is/was Leon wel goed, maar een rating van 2535 lijkt me wat aan de hoge kant, wetende dat hij in echte ratings gemeten nooit ver boven de 2400 is gekomen.

De reden dat het niveau omhoog is gegaan, is natuurlijk de computer. Mensen zijn daardoor ook aanvallender en tactischer gaan spelen. Minder geschuif, maar meteen actie. Het verbaast me dan ook niet dat het witvoordeel kleiner is geworden. De zwartspelers spelen minder op remise, maar gaan - al dan niet gesteund door een openingsnieuwtje - vol voor de winst.

"International Master (IM) John Watson wrote in 1998 that White had scored 56% for most of the 20th century, but that this figure had recently slipped to 55%."

Aldus Wikipedia.

Ook de steeds groter wordende openingskennis kan het afnemen van het witvoordeel verklaren. Zwart kan zich beter verdedigen, waardoor hij objectief weinig te klagen heeft. En toch scoort wit nog steeds meer dan zwart. Het witvoordeel stelt theoretisch gezien misschien weinig voor, in de praktijk is het er wel. 

"White's winning percentage is about the same for tournament games between humans and games between computers. However, White's advantage is less in rapid games and in games between weaker players."

Met deze zin wilde ik afsluiten. Wetende dat zelfs computers, die nagenoeg perfect spelen, ook het witvoordeel "voelen", intrigeert me wel. Zelfs deze machines, die geen emoties hebben en vrijwel alles "zien", winnen vaker met een zetje meer. Dat is toch best cool. Of niet?

Gerelateerde artikelen:
2100?; 22-04 2009

2100?


TPR's op MSN

Laatst vroeg Pinda me hoe je TPR's uitrekent. Dat kan op verschillende manieren. Een simpele manier is door uit te gaan van je eigen rating en je gemiddelde overscore per ronde met een bepaalde waarde te vermenigvuldigen en daarbij op te tellen. Omdat de TPR op zich niet zo belangrijk is, volstaat deze ruwe methode meestal wel. Helaas zijn er onnauwkeurigheden. De verwachte score, waaruit de overscore wordt berekend, is niet lineair, waardoor de lineaire benadering voor afwijkingen gaat zorgen:

Stel, een 1600-speler speelt remise tegen een 1800-speler. Zijn TPR zou dan intuïtief 1800 moeten zijn. Volgens de simpele fomule is zijn TPR echter

1600 + 800(W-We)/n = 1600 + 800 x 0.26 = 1808

In dit geval wordt zijn TPR echter 1808, een raar getal. Nog gekker wordt het als hij remise speelt tegen een 1900-speler. Dan zou zijn TPR "slechts" 1879 zijn, opeens zelfs een stuk lager dan de rating van zijn tegenstander.

De oorzaak is natuurlijk dat er een limiet zit aan de TPR. In het beste geval wordt zijn TPR 800 punten hoger dan zijn rating. Dus zelfs als deze 1600-speler tien keer achter elkaar van Topalov zou winnen, zou zijn TPR niet hoger worden dan 2400.

KNSB
Daarom hanteert de KNSB een ander systeem. Dit systeem gaat uit van de rating van de tegenstander en corrigeert dan voor de score. De scorecorrectie heb ik uitgelegd in dit bestand:


Nu krijgt de 1600-speler bij remise gewoon een TPR die gelijk is aan de rating van de tegenstander. Er zitten echter twee nadelen aan deze manier van TPR's berekenen:

1) Wanneer iemand 0 of 100% scoort (wat vooral in het begin van een toernooi voorkomt), is zijn TPR plus of min oneindig (hij heeft oneindig keer beter of slechter gespeeld dan zijn tegenstander.) Dat is theoretisch gezien wel juist, maar het heeft weinig betekenis.

2) Doordat er steeds wordt gerekend met gemiddelde ratings, kunnen er onnauwkeurigheden voorkomen. Zo kan iemand "onder zijn rating" presteren, maar toch een overscore hebben. Ook kan bijvoorbeeld een zwakke tegenstander je TPR doen dalen, zelfs als je hem verslaat.

Punt één wordt vrij elegant verholpen door bij de resultaten een "remise tegen jezelf" op te tellen. Hierdoor wordt de oneindigheid weggewerkt, maar er komt wel een nadeel terug: wanneer je van een veel sterkere tegenstander verliest, kun je een hogere TPR hebben dan je eigen rating. Daarvan zijn in alle klasses wel voorbeelden van te vinden, zelfs in de meesterklasse.

Wat wel leuk is, is dat je TPR kan oplopen naarmate je meer wint. Hoe meer zeges, hoe minder hard die ene "remise tegen jezelf" meetelt. In het volgende Excelbestand kun je je eigen TPR berekenen door gewoon wat scores in te vullen. Ik heb er geen "remise tegen jezelf" in opgenomen. Op het tweede blad staat het remiseverhaal van hierboven geïllustreerd.


Iteratieve berekening
Toch hebben beide systemen nadelen. De beste manier om je TPR te berekenen, is door naar de "evenwichtsrating" te kijken. Met welke rating is je overscore precies nul? Dat is met Excel wel iteratief uit te zoeken. Door dit ook voor alle andere tegenstanders te doen, kun je het krachtenveld in een competitie heel mooi in kaart brengen, maar er is een maar.

Want ook nu gooien de 0- en 100%-scores roet in het eten, omdat de iteratie niet in evenwicht komt. Er is geen evenwicht, omdat de speler geen goede resultaten heeft om zijn slechte resultaten mee te compenseren of andersom. Echter, in een toernooi waarbij niemand alles wint of verliest, zoals de Eredivisie (voetbal), is deze iteratieve manier zeer geschikt. De ratings worden net zo vaak aangepast, totdat er een evenwicht is.

Ratinglijst mei 2009
De reden dat ik een artikel aan ratings heb gewijd, is omdat ik een prangende vraag heb omtrent de volgende ratinglijst. Welke ronden van de KNSB-competitie tellen mee? De vijfde, zesde en zevende alleen? Of ook de achtste? Officieel worden alle toernooien tot en met 31 maart meegeteld, mits de resultaten op tijd worden aangeleverd, maar ik vraag me af of dat ook geldt voor de KNSB-competitie. Het enige wat ik kan vinden zijn de verwerkte evenementen voor de februarilijst, maar dat interesseert me momenteel niet. Liever zie ik welke evenementen voor de volgende lijst meetellen.

Voor mij maakt het wel wat uit. Als ik mijn overscores van de laatste vier ronden van de KNSB-competitie optel, kom ik op een bedrag van zo'n 32 punten uit. Tel je daar nog de 2068 punten bij op die ik nu heb, dan kom ik op 2100 (of misschien 2099 door afronding) uit. Dat zou een mijlpaal zijn. Wanneer de afgelopen ronde niet meetelt, krijg ik tien kostbare punten minder. Natuurlijk ben ik blij met 2090, mijn all-time high, maar ik wil later kunnen zeggen dat ik 2100 heb gehad.

De komende periode ga ik nog wel wat potjes spelen. Op 10 mei speelt BSG de laatste competitiewedstrijd, op 16 mei is het tuintoernooi (o nee, dat telt niet voor rating xD) en op 29 mei begint het Pinkstertoernooi. In die partijen valt nog veel te verdienen, waardoor ik voor de augustuslijst misschien wel de 2100-grens doorbreek, maar dat is nog zo ver weg. :( Eerst moet ik het nog drie maanden doen met deze lijst.

Als bewijs van de kleine beetjes die helpen:


Hmm... Waar had ik die extra punten vandaan moeten halen?

Gerelateerde artikelen:

19-04-09

De formule 1-mol


Dubbelzege voor Red Bull

Terwijl het in Nederland kurkdroog is, moeten de formule 1-rijders constant door de regen rijden. Ook in China was het weer raak: het regende zo hard bij de start dat de race begon achter de safetycar. Misschien was het dezelfde moesson die twee weken geleden de race deed beëindigen, maar vreemd is het wel.

Starttijd
In Australië en Maleisië werd besloten om pas laat in de middag te starten. De coureurs hadden last van de lage zon, maar de kijkers in Europa konden tenminste uitslapen... In China ging de race om 15:00 plaatselijke tijd van start en door de vele regenbuien hoorde je niemand over de lage zon. Wel werd er geklaagd over de regen. Het zou niet meer veilig zijn, vertelden de coureurs. Dat leek mee te vallen, want afgezien van Subtiels klapper gebeurde er weinig enerverends. Maar toch, het lijkt er sterk op dat men de regen opzoekt. "Het weer heb je niet in de hand", aldus Olav formule 1-mol. Maar als je in de tropen rond zonsondergang gaat rijden, dan weet je dat het flink kan regenen.

Ik zie op websites met weervoorspellingen dat het altijd regent in Maleisië; klopt dit?

Wat mij betreft hoef je je absoluut geen zorgen te maken omtrent het weer in Maleisië. Het probleem met de weervoorspellingen op de verschillende websites is dat het daarbij altijd om een dagelijks gemiddelde gaat. In Maleisië is sprake van een tropisch klimaat, er valt hierdoor dagelijks wel een (soms forse) bui. Meestal duurt zo'n regenbui niet langer dan 1 uur, een vaak valt de regen tegen het einde van de middag (rond 16.00/17.00 - wat best wel verfrissend kan zijn).


Tja... Hoe laat begon die race ook alweer? 17:00 uur...

Kijken we naar de neerslaggegevens per maand, dan komt er nog meer naar boven: april is gewoon een van de natste maanden in het jaar in Kuala Lumpur. De temperatuur is het hele jaar door zo'n 31-32 graden overdag en 22-23 graden 's nachts. Maar juist in maart-april en oktober-november regent het daar. In de "zomer" is het beduidend droger.

En China dan? Daar is het 's zomers juist natter. In de winter is het veel droger. Vorig jaar werd de race in oktober gereden. Dit jaar in april. In oktober valt daar gemiddeld 60 mm neerslag, in april 80 mm. Geen schokkend verschil, maar alle kleine beetjes helpen.

Het gevolg was dat de racedag een natte bedoening werd. De race startte zonder opwarmronde direct achter de safetycar. Vette pech voor de topdrierijders, die zonder veel brandstof hadden gekwalificeerd en daardoor in de problemen kwamen. Het noopte Alonso tot een pitstop achter de safetycar, waardoor hij zijn tweede positie inruilde voor de laatste.

Het zat Renault dan ook niet mee. Hun enige diffuserauto lag laatste door het slechte weer. En dan werd teambaas Briatore ook nog eens uitgemaakt voor een slecht verliezer. Anders dan de voorgaande races deelden de Brawns niet de lakens uit. Dat waren de Red Bulls, waar Vettel DC in één race helemaal deed vergeten. Mowk Webbah reed in diens schaduw naar een tweede plek, voor Button en Barrichello.

De gevechten en botsingen vonden plaats in de middenmoot en achterhoede. Zo klapte Kubica vol op Jarno Trulli. De BMW van dit jaar blijkt sterker te zijn dan dat-ie snel is, want ondanks de klapper kon Kubica gewoon verder rijden, in tegenstelling tot Trulli. Tijd voor weer een safetycar-periode...

Bij Ferrari ging weer een hoop mis. De auto is traag en ook nog eens onbetrouwbaar. Räikkönen zeurt over een gebrek aan vermogen, terwijl Massa achter de safetycar opeens helemaal geen vermogen meer heeft...

En McLaren dan? Die doen het beter. De betrouwbaarheid is in ieder geval goed, constateren de coureurs. Over de snelheid kunnen ze minder positief zijn: ze eindigen als vijfde en zesde, op meer dan een minuut achter de winnaar.

Balen deed ook Force India. Fisichella had de boot grandioos gemist, Subtiel reed daarentegen een wereldrace. Tegen het eind van de race vloog hij voorbij Hamilton, nadat die weer van de baan was gevlogen en voerde daarmee een heel groepje aan. Dat groepje, onder leiding van diezelfde Hamilton, kon daar natuurlijk niet zo goed tegen en ze maakten jacht op Subtiel. Zou hij het redden? Het antwoord is nee, maar het gebeurt anders dan gehoopt. In een snelle bocht naar rechts krijgt de Duitser last van aquaplanning, de achterkant breekt uit, Subtiel corrigeert, waarna de wagen snoeihard linksaf de vangrails in dendert. De voorwielophanging breekt als een luciferhoutje en subtiel kan beteuterd uit zijn pasgecreëerde wrak stappen. Weg zesde plaats.

Ook Williams baalt. Door de diffusertruc heeft het team nu nog een voorsprong op de meeste andere teams, maar ze profiteren er nauwelijks van. Ook nu blonken Nico Rosberg en Kazuki Nakajima uit in het missen van kansen. Uiteindelijk restte Rosberg niet meer dan een vijftiende plaats, nog achter Fisichella.

Nee, alleen bij Red bull kon men lachen. Wat een zege. Brawn GP kon lachen als een boer met kiespijn, McLaren was blij met de beste score van het seizoen, terwijl Glock en Buemi de kruimeltjes oppikten. Het is een raar seizoen. Ben benieuwd wat er volgende week gaat gebeuren. Bahrein... Dat wordt vast geen regenrace. Een zandstorm lijkt me waarschijnlijker.

Links:

Gerelateerde artikelen:

BSG dicht bij stunt

Nipt verlies in Apeldoorn


Gisteren speelde BSG zijn één-na-laatste wedstrijd in de meesterklasse. Die klasse bleek de afgelopen wedstrijden een paar niveautjes te hoog, getuige de vele 8-2-nederlagen. Maar juist nu het einde in de meesterklasse nadert, lijkt het erop dat BSG meesterklassewaardig begint te worden. Na een lange middag schaken was ik dan ook positief verrast over de 5½-4½-nederlaag en kon ik nog filosoferen waar we dat halfje nou vandaan hadden moeten halen...

De dag begon minder hoopvol. Ik was nog steeds doodop van een twee dagen durende excursie. Laat kwam ik m'n bed uit en laat vertrokken Ewood en ik naar het station. Eén minuut voordat de trein zou vertrekken, liep ik het perron op... Dat ging dus nog maar net goed. Wie ook de trein nam, was Ivan Sokolov. Zijn reis ging niet verder dan Hilversum Centraal, waar hij moest afrekenen met een ongelukkige HSG'er. Voor ons ging de reis nog verder, hoewel we moesten overstappen in Hilversum. FM Henk sprak Ivan de verschrikkelijke nog aan. Ivan stond hem beleefd te woord. Hij had ook "get lost!" kunnen zeggen.
Op VR, Leon en Coen na zat iedereen in de trein. Terwijl Le en La nog de laatste voorbereidingen deden, probeerde ik een uiltje te knappen. Ik voelde me niet echt in staat om een potje te schaken. Wetende dat Apeldoorn vooral sterk is in de breedte, kon dat een vervelend middagje worden. Zeker omdat BSG 1 de laatste jaren steeds maar gelijkspeelde tegen Apeldoorn 2 en Apeldoorn 3 (De Schaakmaat heette dat toen nog.) Dat laatste gelijkspel kostte ons toen overigens promotie.

Nee, om dit team te verslaan hadden we wel een topdag nodig. En als zij een topdag hadden, dan kon het wel eens een pijnlijk middagje worden en daar leek het in eerste instantie ook op uit te draaien, gezien de tussenstand en de resterende borden.

De match
Om tien voor één kwamen we aan bij het schaakgebouw. VR en zijn vader waren daar, net zoals Leon Pliester, onze bord-1-speler. Hij wilde zijn tanden zetten in Artoer Joessoepov, een voormalig wereldtopper. Jammer genoeg deed die man niet mee. Apeldoorn besloot zijn beste spelers niet in te zetten. Het is het gewraakte "spelen op halve kracht" en wij moesten dat afstraffen. Ondanks dat had Apeldoorn een enorm elo-overschot; gemiddeld 170 punten per bord. Dat nivelleer je niet zomaar.

Aan bord één trof Leon Roelieboelie, wat vast een teleurstelling voor hem moet zijn geweest. Ton trof aan bord twee Thomas Henrichs, een sterke meester die Erwin l'Ami in de eerste ronde een nul bezorgde. Daarbij kwam dat deze man ook van die "vreselijk systemen" speelde, waar Ton niet blij mee was. Zeker niet omdat hij tot dusver alles had verloren met zwart.
Aan bord drie was Lenaard "opgeofferd". Hij speelde tegen Ilja Zaragatski, een jonge meester die op grootmeesterkoers is. Aan bord vier vond een grootmeesterduel plaats. De pas tot grootmeester gepromoveerde Sebastian Siebrecht nam het op tegen Hans Ree. FM Henk speelde aan bod vijf tegen Merijn van Delft, de motor achter het hele Schaakstad Apeldoorn. Ewood trof Kafka, een sterke meester met een half dozijn grootmeesternormen. VR trof Alexandr Kabatianski, een meester die ik niet kende. Coen speelde tegen Arthur van de Oudeweetering. Hem zag ik eens bij een training van Menno Okkes, waar ook Cor van Wijgerden, de bedenker van de stappenmethode, bij was. Aan bord negen speelde ikzelf tegen Ali B. Hij won van de zomer het open NK in Dieren met een fenomenale score, maar hij heeft ook vaak hele matige optredens. Daar moest ik maar op hopen... Aan bord tien speelde Large tegen Stefan Kuipers, een leuk gevecht tussen twee spelers die qua spel en qua spelniveau aan elkaar gewaagd zijn.

Door de opstelling van de borden kon ik naast mijn eigen partij alleen die van Large zien. Wij zaten lekker naast elkaar met de rug naar een soort bar, ver weg van de andere borden. Die stonden in twee rijen opgesteld. Daarachter was Apeldoorn 3 gepropt, terwijl Apeldoorn 2 in een kerk speelde.

Tja... Wat kan ik over mijn eigen partij zeggen? Aan de openingsopzet te zien, had ik al gauw het idee dat m'n tegenstander een Draak wilde spelen. Daar had ik eerlijk gezegd niet zo'n zin in, maar hoe ontwijk je dat? Ik kwam uiteindelijk door middel van een zetverwisseling in een hoofdvariant terecht. Zelf het ik in een grijs verleden Draak gespeeld met zwart. Soms win je er eens mee, soms verlies je, maar ach, dat kan met zwart... Helaas begon ik er te vaak mee te verliezen en begreep ik dat ik beter geen scherpe openingen kon spelen. Met wit is het een ander verhaal. Meestal kan ik de Draak nog wel ontlopen, maar nu had ik geen schijn van kans. Dat werd dus vechten!

Na een zet of tien begon Ali langer na te denken en besloot ik mijn lunch maar in te halen. Ondertussen liep ik langs de borden. Leon had een lekkere Koningsindiër met wit en mijn ervaring is dat hij vrijwel altijd wint in goede stellingen. Ton stond juist een beetje listig, maar ik maakte me daar niet veel zorgen over. Lenaard leek juist al snel krampachtig te staan. Ik vroeg me af of hij niet iets had gemist, of dat hij het paard op e4 kon insluiten. Hans Ree had met zwart al snel wat stukken geruild en leek simpel op een stevige remise af te stevenen. Henk en Ewood zaten te ver weg voor mij, VR had al gauw een stuk geofferd voor misschien wat aanval, hoewel daar - nu ik de partij heb gezien - geen sprake van was. Ik dacht dat hij vast nog wel wat leuks had gezien, dus ik kon nog hoopvol zijn. En Coen dan? Die had het loperpaar als compensatie van een dubbelpion en wit had op dat moment al geen voordeel meer. Zelf zat ik nog in het boek, terwijl "De Kuip" uit de losse pols een pion offerde tegen Large.

Als ik een prullebak zoek, ontdek ik een analysezaal en nog een zaal met een demonstratiebord. Daar zat een jeugdspelertje - Armen Hachijan, als ik me niet vergis - een partij te bespreken. Het was zo te zien niet mijn partij en ook niet zijn partij (hij speelde tegen de beruchte N.O.), maar toch wilde ik niet kijken. Wel hoorde ik VR, die dus al gauw klaar was. Was het dan toch remise geworden? Nee... De 1-0 voor Apeldoorn stond al op het scorebord. Waar is de VR die ik al die toernooien zie winnen?

De situatie werd nog erger toen Lenaard de pijp aan Maarten gaf. Het is een dramatisch seizoen voor de man met het oranje haar. ½ uit 8 inmiddels... Twee witborden hadden ons dus nog niks opgeleverd en met nog enkele beroerde stellingen te gaan (zoals bij Large bijvoorbeeld), leek het goed de verkeerde kant op te gaan. Zeker omdat het niveauverschil vaak pas later in de partij naar voren komt.

Ditmaal bleef de schade echter beperkt. Coen, de andere man met ½ uit zeven, liet een keurig halfje noteren met zwart, iets waar hij heel blij mee was. Als steun gaf ik hem na afloop maar een schouderklopje, waarna hij een heel verhaal hield over zijn partij.

Ook Hans Ree maakte soepeltjes remise met zwart. Voor het eerst in ruim een jaar (!) maakte hij remise met zwart. Vorig jaar rond deze tijd verloor hij in onze kampioenswedstrijd zijn eerste wedstrijd in Bussumse dienst. Ook FM Henk speelde een nette remise. Volgens mijn computer stond hij veel beter in de slotstelling, maar misschien stelde het niet veel voor.

Ewood had het minder naar zijn zin. Hij speelde een beetje een vreemde variant, stond wat minder en moest een eindspel met een pion minder verdedigen. Dat kan gebeuren, maar Ewood was totaal niet te spreken over zijn partij. In het eindspel werd hij nog een keer getruct, waardoor wits stukken wel heel dominant kwamen te staan.

Zelf miste ik - naar later bleek - tig winsten/winstkansen. Na een wat weinig doortastend optreden stond ik minder, maar Ali speelde het in zijn tijdnood niet handig en ging verdedigen. Zelf zag ik niet beter dan naar een gunstig eindspel af te wikkelen en besloot ik al gauw zijn remiseaanbod aan te nemen. Na afloop zei Ali niks meer. Hij was vast teleurgesteld. Dat hebben mensen al gauw tegen mij. Hoewel ik mezelf niet echt scherp vond, had ik het idee dat Ali ook niet helemaal lekker was, aan zijn gesnif te horen. Maar goed, mijn vierde remise inmiddels. Voor de winterstop lukte helemaal niks, nu gaat het me opeens vrij eenvoudig af, zo lijkt het. "Het leven is niet altijd even makkelijk", zegt men dan.

Na afloop gingen we dan ook niet analyseren. Wel liet ik Coen nog mijn partij zien, waarna Large binnen kwam wandelen. Hij had er nog een remise uitgebluft. Op een gegeven moment leek het erop dat hij helemaal gesloopt werd, maar dat viel mee. Uiteindelijk combineerde Kuipie zich een pion rijker, maar was het onvoldoende voor de winst.

De matchpunten waren ondertussen al verdeeld, waarmee de minieme theoretische kans op handhaving was vervlogen. De hoogste borden leverden gelukkig twee volle punten op. Leon stond fraai en wist de buit zonder moeite binnen te halen. De eerstebordtheorie: mensen gaan beter schaken aan een hoog bord. Misschien gaat die theorie alleen op voor Amsterdammers, want alleen Coen en Leon stegen opeens boven zichzelf uit... Andere spelers hoeven blijkbaar niet gemotiveerd te worden...

Ondertussen was Ton nog steeds bezig. Hij kwam gedurende de partij beter te staan en ging zijn tegenstander steeds proberen te trucen. In een toreneindspel won hij een pion en kreeg bij het verzilveren daarvan hulp van zijn murw gespeelde tegenstander. Zijn eerste resultaat met zwart en wat voor een...

Uiteindelijk werd het dus 5½-4½, waar de inmiddels best stil geworden Apeldoorners schaapachtig om konden lachen. Hadden ze bijna nog van de degradatiekandidaat verloren... In de analysezaal waren ze overigens minder stil. Het was één jolige boel, waarin iedereen probeerde zo hard mogelijk te lachen om flauwe grappen. In een analysezaal heb je daar nog niet zoveel last van, als je tenminste niet doof wordt, maar in de wedstrijdzaal is het best vervelend als mensen uitgebreid met elkaar zitten te kleppen. Ik zat vlak bij de "bar" en ik vond het best rumoerig.

De sfeer was prima na afloop. Het besef dat BSG steeds meesterklassewaardiger begint te worden, lijkt door te dringen. Eindelijk weer een goede wedstrijd! Onder een heerlijk avondzonnetje liepen we het centrum van Apeldoorn in, waar we een Italiaan tegenkwamen. Of het nou door de kredietcrisis komt, of dat het centrum van Apeldoorn uit elkaar begint te vallen, alles was enorm afgeprijsd. Voor een bedragje van vier euri kreeg ik een pizza die ik niet op kreeg. Daar kunnen ze zelfs in het binnendorp van Bussum nog een puntje aan zuigen...

Ieder mens heeft een illusie nodig
Al met al was het een mooie dag, die nog wat belooft voor de slotronde van de meesterklasse. Volgend jaar gaan we de eerste klasse weer opvreten en daarna meteen goed starten aan de meesterklasse. Dan gaan we ons op eigen kracht handhaven.

Uitslagen

Apeldoorn [2401] - BSG [2231] 5½-4½
1. R Pruijssers m [2430] - L Pliester m [2361] 0-1
2. T Henrichs m [2386] - T van der Heijden [2243] 0-1
3. I Zaragatski m [2463] - Le Ootes [2118] 1-0
4. S Siebrecht g [2426] - H Ree g [2419] ½-½
5. M van Delft m [2372] - H van der Poel f [2257] ½-½
6. M Hoffmann m [2443] - E de Groote [2161] 1-0
7. A Kabatianski m [2410] - V Rothuis m [2331] 1-0
8. A van de Oudeweetering m [2324] - C van der Heijden [2090] ½-½
9. A Bitalzadeh m [2453] - J de Groote [2068] ½-½
10. S Kuipers f [2303] - La Ootes [2262] ½-½

Gerelateerde artikelen:

12-04-09

Lentetoernooi


16 mei

Vorig jaar heb ik thuis een schaaktoernooi georganiseerd. Het leek me leuk om dat dit jaar te herhalen. De vraag is natuurlijk wat een goede datum is. Omdat ik het onder "schooltijd" wil spelen, moet het toernooi in het weekend zijn en mag het niet samenvallen met schaaktoernooien en moet ik er zijn.
De beste periode lijkt in mei te zijn, ook vanwege het weer. Het moet een soort tuintoernooi worden. Dat is alleen een succes als het
1) droog is
2) niet te koud is

Qua temperatuur zal het wel goed zitten, maar met de neerslag weet je het nooit. Vorig jaar regende het in de ochtend van 12 augustus, waardoor alles nat was. Dat moet dit jaar anders, maar je hebt het weer niet in de hand. Daarom wil ik een reservedatum achter de hand hebben.

De beste datum voor het toernooi lijkt de week na de laatste ronde van de KNSB-competitie te zijn, namelijk zaterdag 16 mei. Anders wordt het 23 mei (of wil iemand nog op zondag spelen?)

Materiaal
Omdat ik materiaal nodig heb voor het toernooi, moet ik wel weten wie komt. Daarom eis ik dat je je voor 11 mei opgeeft. Anders kan ik niet aan de vraag voldoen en moet iemand weer met een sierspelletje spelen.

Toernooivorm
De toernooivorm is nog niet zeker. Het hangt sterk af van het aantal deelnemers. Bij 8 deelnemers is een KO-toernooi misschien een idee, anders zal het gewoon een competitie worden. Daar wil ik nog niet op vooruit lopen.

Dus:
Snelschaaktoernooi
16 of anders 23 mei
In mijn tuin
Aanmelden voor 11 mei

Tot slot: wie weet een leuke prijs voor de winnaar?

Pinkstertoernooi
Ten slotte wil ik gebruik maken van de aandacht om een oplossing voor het kwakkelende Pinkstertoernooi aan te dragen: laatst schreef ik een artikel over het toernooi en over de overlevingsstrategieën. In de categorie "vluchten" heb ik nog een idee: hou het gewoon met Pasen. Met Pasen zijn naar mijn gevoel niet zo veel toernooien, dus dat is een gat in de schaakmarkt. 

Eerst wil ik de 2009-editie afwachten, maar als het deelnemeraantal weer lager is dan vorig jaar (hoewel ik betwijfel dat dat kan), is het tijd voor drastische maatregelen.

Gerelateerde artikelen:

NK Internet: finale


Automedon wint van eloped

Zondag 5 april
Op de laatste dag van de week viel dan eindelijk de beslissing: zestien spelers vochten voor de titel: Nederlands Internetkampioen. De zes geplaatste spelers ontmoetten de tien (!) op voorhand geplaatste spelers. Daarbij kun je enkele dingen aanmerken:

* De meerderheid van de spelers was op voorhand geplaatst, zonder er iets voor te hoeven doen (nou ja, ze moesten zichzelf opgeven), terwijl anderen vijf dagen lang alles op alles moesten zetten om door de strenge selectie-eisen te komen

* De op voorhand geplaatste spelers waren geselecteerd op basis van hun rating, hoewel een goede bordschaker niet automatisch een goede internetschaker is.

Laatste 16
Ondertussen liep de Emanuel Lasker-arena vol en kon ik kijken op welke accounts die pipo's nou speelden. Hieronder een klein quizje. Welk account hoort bij welke speler?

1 Automedon
2 Christianboy
3 Eloped
4 Enschede
5 Gwanyc
6 Infinity
7 Quaternion

A Chiel van Oosterom
B Floris van Assendelft
C Jan van de Mortel
D Jan-Willem de Jong
E Maarten Solleveld
F Wouter Spoelman
G Yge Visser

Het deelnemersveld zag er als volgt uit:

1. Erik van den Doel 2571 g
2. Dimitri Reinderman 2546 g
3. Maarten Solleveld 2495 m
4. Wouter Spoelman 2488 m
5. Yge Visser 2463 g
6. Jan-Willem de Jong 2453 m
7. Theo Hommeles 2411 f (vrijdag 2)
8. Chiel van Oosterom 2404 m
9. Jan van de Mortel 2403 m
10. Koen Leenhouts 2396 (vrijdag 1)
11. Christov Kleijn 2336 f (vrijdag 3)
12. Vincent Rothuis 2331 m (zaterdag 2)
13. Floris van Assendelft 2321 f
14. Hans Bxc3xb6hm 2245 m
15. Ewoud de Groote 2161 (zaterdag 3)
16. Tobias Kabos 2128 (zaterdag 1)

Opmerkelijk vond ik dat de indeling op KNSB-rating werd gemaakt en niet bijvoorbeeld op internetrating. Ja, niet iedereen had al een internetrating, maar dat is hun eigen schuld. Ook vond ik het raar dat er bijvoorbeeld geen speciale status was voor bijvoorbeeld de winnaars van de halve finale. Dat die bijvoorbeeld in de eerste ronde een "makkie" krijgen, enerzijds als "beloning" (stimulans!) voor hun prestatie in de halve finale, aan de andere kant om de leukste wedstrijden voor het laatst te bewaren.

Maar nee. De indeling was simpel: "de beste tegen de slechtste". Zo speelde Erik van den Doel, de hoogsteratinghouder, tegen Tobias Kabos, degene met de laagste rating. Dat dat niet het makkelijkste duel was, bleek wel: de eerste partij werd remise.

Ewood trof Dimitri Reinderman. Deze vegetarische grootmeester prakt 2700-spelers in zijn vrije tijd, maar een 2100-speler is toch weer hele andere koek. In de eerste partij bereikte Ewood nog niet eens een hele moeilijke remise met zwart. In de tweede partij kwam hij wat minder te staan, maar na enkele wederzijdse "onnauwkeurigheden" wist hij een gelijke stelling opeens te winnen.

Gelukkig (voor hem) revancheerde Reinderman zich en won de derde partij zonder veel moeite. En in de vierde partij bezorgde hij Ewood een vervelende nederlaag met een vaag systeempje. Zodoende zat Ewoods werk in Amersfoort (!) er alweer gauw op en kon hij kijken hoe de anderen het ervan afbrachten.

VR speelde tegen Yge Visser en begon wat onwennig. Hij stond een kwaliteit achter, maar hij bleef taai. En toen gebeurde het: Yge vergaloppeerde zich vreselijk en verloor materiaal. De rollen waren omgedraaid en Vin$ liet het niet na om de partij in zijn voordeel te beslissen.

De tweede partij ging anders. VR offerde vrolijk twee stukken en dat pakte goed uit toen Yge niet de juiste verdediging koos. Tjak, tjak, tjak en mat. Zodoende had VR al na twee potjes de benodigde twee overwinningen binnen en had hij al een geldbedrag verdiend. En dat terwijl Yge Visser een gehaaide internetschaker is.

Een schrale troost voor Yge: hij was niet de enige die na twee potjes alweer naar huis kon. Hetzelfde overkwam bijvoorbeeld Hans Böhm. Hij was vast vanwege publicitaire redenen toegelaten, want Maarten Solleveld maakte twee keer gehakt van 'm. Dat lag overigens geheel in lijn der verwachting, gezien de (internet)ratings.

Opmerkelijker was dan ook het gemak waarmee Jan-Willem de Jong en Jan van de Mortel "naar huis" werden gestuurd. Vooral voor De Jong was het een pijnlijke afgang. In de eerste partij offerde hij zich leeg en in de tweede partij kwam hij prima uit de opening, maar werd hij keihard toegetakeld toen hij zelf een klap wilde uitdelen.

Jan van de Mortel miste juist zijn kans in de eerste partij, toen hij prima stond, maar te hard van stapel liep en in een verloren eindspel kwam. In de tweede partij werd hij hard gebatst.

Ondertussen won ratingfavoriet nog twee keer van Tobias Kabos en schakelde Koen Leenhouts Theo Hommeles uit na drie zwartoverwinningen. De langste duels waren het eerdergenoemde duel Reinderman - Ewood en Floris van Assendelft - Wouter Spoelman. In dit duel van op voorhand geplaatste spelers (gek genoeg speelde Floris één voorrondepartij, waarschijnlijk werd hij later opgetrommeld als geplaatste speler doordat Robert Ris niet meedeed.) maakte Floris door enkele katachtige reddingen zijn achterstand goed. Zo won hij in de eerste partij een kwaliteit, maar verloor hij er kort achter elkaar twee. In een ogenschijnlijk hopeloos eindspel graaide hij met zijn paard genoeg pionnen weg, waardoor hij ontsnapte naar remise. In de tweede partij kwam hij toch op achterstand, maar door de laatste twee partijen te winnen, plaatste hij zich toch.

Het resultaat was dat van de tien geplaatste spelers er nog maar vijf over waren. Ook van de gekwalificeerde spelers overleefde de helft de eerste schifting niet. Opmerkelijk was wel dat de gekwalificeerde spelers een beter "doelsaldo" hadden in de eerste ronde: ze wonnen met 14-13. Rating sux.... ;) 

Laatste 8
De laatste acht deelnemers hadden recht op in ieder geval een leuk bedragje, te beginnen bij 150 euri als ik het goed heb. Opnieuw werden de "goeien" aan de "slechten" gekoppeld, hoewel dat niet helemaal lijkt te kloppen:

V Rothuis [2331] - E van den Doel [2571]
C Kleijn [2336] - D Reinderman [2546]
K Leenhouts [2396] - M Solleveld [2495]
F van Assendelft [2321] - C van Oosterom [2404]

Deze "kwartfinale" zou uiteindelijk de spannendste match van de middag opleveren:

Arie de Ru   zo 05-04-2009 18:14   
Ik vond de kwartfinale (vdDoel-Rothuis) meer de finale 

Want VR en Erik van den Doel maakten er een waar schouwspel van. Daar zag het de eerste ronde nog niet naar uit. VR speelde wat onwennig, had ik het idee. Toch kwam hij na een rustige opening erg goed te staan. Net op het moment dat hij moest gaan oogsten, bood VR dameruil aan. Het eindspel werd lastig en misschien had VR nog remise kunnen maken, maar hij vond de verdediging niet.

Het zou dus best eens gauw afgelopen kunnen zijn, vreesde ik, want Erik van den Doel kan erg goed (snel)schaken. Met een witpartij in het vooruitzicht kon hij best wel eens op 2-0 komen, waarna de beslissende derde overwinning slechts een kwestie van tijd leek. Maar zover was het nog niet. Wit kwam met licht voordeel uit de opening en VR speelde leuk, doch misschien niet helemaal correct, verder. Door een gemene truc moest VR zijn dame offeren. Het eindspel was waarschijnlijk nog wel remise te houden. Sterker nog: het was opeens zwart die voor de winst kon gaan. Handig veroverde VR nog een tweede pion en ging hij brutaal voor de winst. Daarbij nam hij risico en daardoor had hij de partij zomaar kunnen verliezen. Opmerkelijk genoeg zag Erik van den Doel niet dat hij een loper zomaar kon pakken, waarna VR promoveerde en gauw won.

In de derde partij ging VR heel rustig schuiven. In een vrijwel gelijke stelling offerde VR een kwaliteit. Zwart moest het materiaal wel weer teruggeven, waarna VR uiteindelijk een pion won. Rustig weerde hij zwarts aanvallen af en wikkelde hij af naar een gewonnen eindspel. De stand was opeens 2-1 voor VR! Nog één overwinning had hij nodig om door te gaan!

"Gemini" sloeg echter meteen daarop terug. Hij offerde een pion voor aanval. Die aanval speelde hij echter voortreffelijk, voor zover ik als kibitzer het heb kunnen beoordelen. Wit had zoveel stukken in de aanval, dat zwart alleen nog maar materiaal kon offeren om wits aanvallers te elimineren. Maar ook toen sloeg wits aanval door. Door enkele bekende motiefjes was het mat dichtbij. VR verdedigde zich nog vindingrijk tot de laatste snik, maar het mat was onafwendbaar.

In de vijfde partij koos VR weer voor een rustige variant. Veel stukken gingen van het bord, maar in een toreneindspel had VR toch een klein plusje. Door adequaat verdedigen van zwart bleef het remise.

In de zesde ronde ontsnapte VR aalglad aan een nederlaag. Hij kwam twee pionnen achter, maar verdedigde zich uitstekend. Net op het moment dat wit de winst denkt binnen te halen, naait VR hem een enorm oor aan met een patgrapje. Je moet het maar zien... De partij werd remise, de derde winstpartij liet op zich wachten.

Ook de zevende partij werd remise. Met een mooie trippelpion op de c-lijn probeerde VR nog te winnen, maar het resulterende toreneindspel was remise. Sterker nog: toen VR te hard op winst speelde, kreeg hij het nog moeilijk. Toch pakte hij rustig zijn derde halfje op rij.

In de achtste ronde gebeurde het dan toch. Het drama van de kwartfinale. In een wat mindere stelling geeft VR door een lelijke damezet opeens een volle toren weg. Game over! :(

Het was jammer voor VR, die prima partij had geboden. Over de chat vroeg hij nog een beetje beschaamd of ik vond of hij als een IM had gespeeld. :P En dat terwijl iedereen onder de indruk was van zijn verweer. ;) Ja, VR heeft zich mooi "op de kaart gezet".

GS1111   zo 05-04-2009 15:18   
Zie link voor de opzet.

We zitten nu in de slotfase van ronde twee, waarin Rothuis en Van den Doel bezig zijn met een uitputtingsslag.

Door naar de laatste 4: Kleijn, Solleveld en Van Oosterom.

Een uitputtingsslag, dat was het zeker. En met het vooruitzicht dat er in de finale vijf winstpartijen nodig waren, kon het wel eens lang gaan duren. Want stel je voor dat VR - van den Doel over vijf winstpartijen zou worden beslist... En dan waren er toch nog sterkere spelers dan VR?! Brr...

De andere duels waren eerder beslist. Christov Kleijn had echter ook veel partijen nodig om Dimitri Reinderman (!) af te schudden. Het duel ging op en neer, al kwam Kleijn steeds op voorsprong. Pas in de zevende partij won hij voor de beslissende derde keer.

Floris van Assendelft bracht weer eens een katachtige redding op het bord. In een paardeindspel stond hij twee pionnen achter, maar maakte hij gek genoeg nog soepeltjes remise. Het hielp hem echter niet. Hij verloor de match met 1½-3½ van Chiel van Oosterom.

De kortste match was tussen Koen Leenhouts en Maarten Solleveld. Koen had het hele toernooi indruk gemaakt, maar nu was het de beurt aan zijn tegenstander om indruk te maken. Zonder veel moeite won Solleveld met 3½-½.

Laatste 4
De halve finale zag er op papier niet onaardig uit: Erik van den Doel - Chiel van Oosterom en Maarten Solleveld - Christov Kleijn. Uit deze ronde bleek echter hoe groot het verschil is tussen "goed" en "heel goed". Zo gaf Erik van den Doel zijn tegenstander gewoon schaakles. Zijn openingskennis is erg goed. Met wit won hij vrij probleemloos en ook met zwart kreeg hij al snel de overhand. Daardoor leek het alsof Chiel er niet veel van kon. in de eerste ronde verloor hij al snel met zwart, met wit stond hij na vijftien zetten al verloren.

En eigenlijk kon Chiel er ook niet veel van. En dat terwijl hij zich met gemak door de eerdere ronden had heengewerkt. Maar in de derde partij speelde hij de opening als een ruftsukkel. Desondanks wist hij er nog wat van te maken, maar toen hij optimistisch twee stukken offerde, was het al gauw bekeken.

Helemaal zielig was de laatste partij, waarin hij met wit probeerde een remiseopening te spelen. Het eindspel leek ook wel remise, ongeveer zoals in mijn partij tegen Niels Ondersteijn, want wits koning stond opgesloten. Zwart kon rustig zijn stelling verbeteren en won.

Ook Maarten Solleveld won. Hij won vier keer op rij, maar had daarvoor wel tegen een 2-0-achterstand aangekeken. Op het eind ging het steeds beter, dus dat beloofde wat voor de finale.

Finale
Eindelijk was het zover: de finale. Pak je popcorn maar en geniet van een avondje internetschaak. Het zag er goed uit, maar in de praktijk viel het vies tegen.

Richard Vedder   zo 05-04-2009 17:09   
en doel deelt de eerste dreun uit! 

De eerste partij was beschamend snel afgelopen. Maarten Solleveld, die nog wel met wit speelde, besloot iets "saais" te spelen. Een beetje premoven in je luie stoel en dan gewoon wat zetjes doen. Maar wits stelling begon er verdacht uit te zien. Op de koningsvleugel had hij een lelijke dubbelpion. Dus wat doe je dan? 14.Ke2! De pion op d3 moest eens gedekt worden. Daar begon het mis te gaan en zwart maakte het kordaat uit. Op zet 19 offerde hij zijn toren op f2. Mat was onafwendbaar.

Met zwart deed Solleveld het beter. Hij kwam ruk uit de opening, maar hij kwam aardig terug. Toen wits stukken op bezoek kwamen, was het echter al gauw afgelopen.

Vervolgens liep hij zich te pletter in het Spaans. Ik begon nog meer respect voor VR te krijgen, die simpele varianten speelt en daardoor steeds op de been bleef tegen deze geweldige tegenstander. Want de finale ging wel erg gemakkelijk, zo leek het. Is het verschil zo enorm tussen de beste en de wat mindere snelschaakgoeden? Ik schrok er in ieder geval wel van. Zonder moeite pakte zwart het loperpaar en kon hij het centrum opengooien, waarna hij beter kwam te staan. Wit probeerde dat te verhinderen, maar daardoor gaf hij een toren weg...

Beide spelers deden het beter met zwart, hoewel dat in de score niet tot uitdrukking kwam. In de vierde partij was er ruimte voor een stunt. Eindelijk kwam er een partij. En opeens kwam Solleveld prima te staan. Van den Doel verdedigde echter koelbloedig in tijdnood en zwart begon te twijfelen. Hij kwam er maar niet doorheen en liep toen ook nog in een dodelijke counter...

In de laatste ronde mislukte wits openingsopzet weer volledig. Spaans met 9...Pd7! is de winnende opening. Echt veel zal er niet mis mee zijn en wit komt al gauw in stellingen die je helemaal niet moet willen. Tel daar nog een uit de hand gelopen pionoffer bij op en je begrijpt waarom de match in 0-5 eindigde.

GS1111   zo 05-04-2009 17:49   
Doelio kan de palmares op zijn website weer updaten: 
NK Internetschaak 2009. Wint in de finale met 5-0 van Solleveld.

Erik van den Doel   zo 05-04-2009 17:59

Dat ging lekker!
Voor herhaling vatbaar!

Uiteindelijk barstte er nog een discussie los hoe het toernooi verbeterd kan worden. Zelf denk ik aan bijvoorbeeld:

* Het speeltempo; 3+3 vind ik vrij traag. Op internet het je ook nog "lags" door de verbinding, waardoor je veel meer tijd hebt dan in het echt. Het scheelt weer tijd, waardoor je minder avonden hoeft te verklooien in de voorrondes, of dat je meer ronden kan spelen.
* Het aantal van vijf winstpartijen in de finale vind ik erg veel.
* Er moeten meer spelers zich op eigen kracht kunnen plaatsen.
* Hou ik nog even open voor als ik er weer een bedenk.

Het "draadje" stierf uiteindelijk een stille dood, wat me vooral vervelend lijkt voor degene met de laatste reactie.

Twan Burg   di 07-04-2009 20:17   
En wat hebben ze eraan om te weten hoeveel accounts iemand heeft?

Arie de Ru   di 07-04-2009 20:20   
ham 'n' eggs

Arjon Severijnen   di 07-04-2009 21:37   
Dat klinkt in ieder geval als een goede zaak. Mooi om te zien dat er goed geprobeerd wordt om het eerlijk en netjes te houden, hoe moeilijk dat soms ook blijft.
Daarnaast blijft het denk ik ook belangrijk dat eerlijke deelnemers en kijkers een oogje in het zeil houden als ze iets verdacht denken te zien gebeuren.

Oh, ik heb Erik nog niet gefeliciteerd met zijn kampioenschap, bij deze! 

Uiteindelijk kun je moeilijk anders concluderen dat Erik van den Doel de terechte kampioen is. Hij heeft zijn favorietenrol prima waargemaakt. Knap!


Links:

Gerelateerde artikelen:
NK Internetschaak; 08-04 2009

10-04-09

NK Internet: halve finales


Vesley Valsspeler

Vrijdag 3 april
De halve finales begonnen op vrijdag. Twaalf geplaatste deelnemers vochten het met elkaar uit wie er naar de finale zouden gaan. De beste drie zouden zich plaatsen.

De vrijdagronde volgde ik niet met al te veel interesse. Een aantal spelers kende ik, maar niemand ken ik echt heel goed. Melkpak, Jack de Stripper en Aap zijn accounts van (ex-)jeugdspelers waar ik ook nog wel eens tegen heb gespeeld. Verder heb ik Remco, Foppe gele, Optimist73 en Dutch Mountain nog wel eens gezien in het echt. Rossetis, Nederlands jeugdkampioen van 2000, kende ik vooral van Playchess.

In het toernooi was Melkpak (Wesley Vermeulen) goed op dreef. Hij won de ene na de andere partij, hoewel ondertussen iedereen wel doorhad dat hij zat vals te spelen. Om (voor mij) onbegrijpelijke redenen sloegen Kalymnos (Theo Hommeles) en Foppe Gele (Richard Vedder) een remiseaanbod af, terwijl ze toen al lelijk stonden. Het gevolg was dan ook dat ze hard de bietenbrug opgingen.

Daarom besloot Melkpak om nog vaker remise aan te bieden, om niet weer op een onwaarschijnlijke score te eindigen. Hierdoor passeerde Rossetis (Koen Leenhouts) hem uiteindelijk nog. De IM speelde buitengewoon efficiënt schaak en won daarmee zeer veel partijen. Hij was de terechte winnaar. Melkpak werd uiteindelijk nog tweede (valsspelen en toch niet winnen...), voor Hommeles en Jack de Stripper, waar nog steeds Christov Kleijn op speelde. Hij was oorspronkelijk als vierde geëindigd, nadat hij in de beslissende laatste ronde beschamend snel had verloren van de uiteindelijke winnaar.


Gelukkig voor hem kreeg de klucht nog een happy end, toen Melkpak zich terugtrok voor de finale. Op Utrechtschaak werd hij aan de hoogste boom opgeknoopt en ik had geen medelijden met 'm.

Frans Peeters   vr 03-04-2009 21:48   
Naar de finale gaan Koen Leenhouts, Wesley Vermeulen en Theo Hommeles.

Roi Miedema   vr 03-04-2009 22:40   
Vesley Valsspeler zul je bedoelen. Het is echt te duidelijk. Iedereen weet het behalve de wedstrijdleiding. 

Roi Miedema   vr 03-04-2009 22:44   
Hij heeft het zelfs toegegeven, hij speelt met een aparte laptop, dus vensterwissellen is rekening mee gehouden, en als hij gewonnen staat dan gaat hij zelf spelen. zonde van het spel, ik heb ook een laptop die ik voor tien zetten per partij kan gebruiken. Maar ik vind het immorreel en het maakt alleen het spelletje kapot dus Wesley VerMoene en Adriaan de Jongh-Moene. het spelletje is over dankzij de mensen die het verpesten.

Arie de Ru   vr 03-04-2009 22:58   
De controle van Chessbase zal toch wel uitwijzen dat mijnheer een deel van de partij niet op eigen kracht gespeeld heeft? 

Arie de Ru   vr 03-04-2009 23:02   
Maar als Wesley het toegeeft is er misschien iets anders aan de hand: laten zien dat deze toernooien niet te controleren zijn? 

Peter de Jong   vr 03-04-2009 23:05   
Maar in de finale komt er een arbiter bij de speler op locatie. Het zal vreemd zijn als je er dan ineens niets meer van kan. 

Roi Miedema   vr 03-04-2009 23:10   
Tja dan zijn de eerlijke spelers inmiddels uitgeschakeld 

AS   za 04-04-2009 00:18   
Jongens, ons toptalent zal wel een beetje frustie zijn dat de finale aan z'n neus voorbijgaat. 

En als Wesley vals heeft gespeeld, is er maar één denkbare straf voor hem: wij boeren willen graag een etmaal op hem passen. Hij mag dan blij zijn als hij kreupel over de IJssel komt. 

Willem M was ook al blij met een paar jaar niet spelen, want voor geen goud had hij voor 24 uur op transport naar Twente gewild .......... want we hadden hem laten bungelen aan de Paasstaak van Denekamp!

Arjon Severijnen   za 04-04-2009 00:36   
Achja dit is het risico met zo'n soort toernooi.

Goed dat de finale er eerlijk aan toegaat door die controle, maar heel jammer dat er in de voorrondes zo makkelijk te frauderen valt (en dat ook gedaan wordt).

Met een aparte laptop spelen is slechts 1 voorbeeld; zonder op details in te gaan zijn het spelen onder andere namen, of met een account met veel te lage rating oid allemaal vormen van competitievervalsing. Wat dat betreft is er volgens mij heel wat gebeurd dit toernooi ;) 
De finale kan dan wel eerlijk zijn, maar het beïnvloedt helaas de gang naar de finale enorm. 

Ach zelf lig ik er niet wakker van, ik heb me niet geplaatst, maar als je het ene stuk na het andere weggeeft is dat ook terecht.

Toch kan ik mij goed indenken dat dit voor een aantal eerlijke spelers op z'n minst erg irritant is. Ik weet hoe het voelt om genept te worden ;)

Andries Dekker   za 04-04-2009 13:26   
Schorsen

Paul-Peter Theulings   za 04-04-2009 13:54   
Na overleg met Wesley Vermeulen heeft hij zich teruggetrokken voor de finale.

Kruistabel Halve Finale 1 (Melkpak is uit de stand genomen)

Richard Vedder   za 04-04-2009 21:04   
kutmelkpak... en nog klieren over de chat ook!

Roi Miedema   za 04-04-2009 21:14   
Eens vedder, die verMoene is er dan ook nog serieus trots op dat is het allerergste.

Uiteindelijk gingen Koen Leenhouts, Theo Hommeles en Christov Kleijn naar de finale.


Zaterdag 4 april

Op zaterdag was de tweede halve finale. Nu moesten VR en Ewood bij de beste drie zien te eindigen, wat me zeer moeilijk leek. Niet onmogelijk, maar wel lastig. VR zou wel een goede kans maken, Ewood heeft het doorgaans veel zwaarder.

Het deelnemersveld was op papier misschien wat lichter dan in de andere groep, hoewel sterke jeugdspelers als Roi Miedema en Stefan Kuipers meededen. En anders had je nog Tobíàs Kábòs, een sterke tacticus.

Voor VR begon de avond vervelend met een nederlaag. Hij overschatte zijn kansen en offerde een toren, maar wit kon de aanval vrij eenvoudig opvangen. VR was weer eens iets tè enthousiast... :P
Ewood dacht tegen zijn kwelgeest Miguoel Admiraal te spelen. Hoewel de partij niet gemakkelijk ging, won hij uiteindelijk wel comfortabel. Uiteindelijk bleek het voor niks:

Observer   za 04-04-2009 19:55   
Op dit moment speelt in de halve finale o.a. Miguoel Admiraal mee (met alias Army_of_bord), echter schijnt hij tegelijkertijd de 4e ronde in het Ichtus weekendtoernooi te spelen?

Wat klopt hier niet?

Scherp opgemerkt en na een tijdje had de "TD" het ook gelezen. Na een paar ronden werd duidelijk dat er weer iemand de boel zat te belazeren: "Army of board" werd uit het toernooi gezet.

vragen om problemen   
za 04-04-2009 21:07   
Tsja dat van Admiraal lijkt idd heel vreemd...lijkt me onderzoekspuntje voor de arbiters. Als dit klopt is het natuurlijk wel een giller en je kan er zeker de publiciteit mee halen daar kan geen Hans Böhm tegenop.
Voor de rest: internetschaak is natuurlijk heel leuk, maar je moet er voor de rest geen serieuze kampioenschappen aan gaan verbinden.

GS1111   zo 05-04-2009 00:48   
Heb vandaag niet kunnen kijken, maar gebeurden rare dingen. 

* Army_of_board - MieDEma (ronde 7): 1. e4 MieDEma geeft op 1
* 11 Iuppiter 2310 -731 0 0 0 0 0 0 0 + 0.0 / 7 
* Begonnen met 6 partijen per ronde, eindigen met 4. 

Stof, opwaaien. 

Ook deze halve finale werd ontsierd door valsspelers. Blijkbaar ziet niet iedereen het als een leuk evenement, maar als een gelegenheid om zichzelf flink op de kaart te zetten. Zo won luppiter in de allereerste voorronde met overmacht, maar speelde hij in de halve finale niks klaar. Na zeven nullen zeurde hij dat hij moe was en dat hij wegging. Hmm... Overigens was de reden van zijn moeheid wel ironisch: hij had zes uur lang schaaktraining gehad. :P Normaal gesproken zou je daar juist beter van moeten gaan schaken. xD En dat terwijl hij per se op zaterdag wilde spelen.

Ook wel grappig was dat VR en Cadavre elkaar al in de tweede ronde tegenkwamen. VR moest eigenlijk wel winnen om niet te ver achterop te raken, maar daar had Ewood vast geen zin in. Na vijftien zetten werd de vrede getekend.

In het vervolg maakte Cadavre bij vlagen indruk. Ook VR begon veelvuldig te winnen, ondanks dat zijn verbinding eventjes eruit klapte. Leuk waren de partijen die ze tegen Roi Miedema speelden. Ewood kwam in een toreneindspel straalverloren te staan, maar Roi speelde het toen wel heel erg "op zijn Rois" uit: opeens was zwarts b-pion niet meer te stoppen, terwijl wits vrijpion nog steeds op e7 stond...
VR offerde even uit de losse pols een toren voor aanvalskansen. Het werd Roi allemaal te heet onder de voeten en hij zag zich direct genoodzaakt het materiaal terug te geven. Hij stond toen nog steeds prima, maar hij gaf door een penning meteen een paard weg.

Roi Miedema   za 04-04-2009 20:33   
ik was 1:17 niet. En ik ben ook niet zuur want ik speelde niet eens vrijdag mee. Ik ben nu wel een beetje frusty want ik ga het niet halen. 

Ondertussen begon Tobias Kabos remises te geven. Hij deed met zwart vaak 1.e4 e5 2.Pf3 f5!? en bood remise aan. Blijkbaar had niemand zin om die opening te kraken, want steeds leverde het hem een halfje op. Het betekende wel dat Ewood, die ook Stefan Kuipers te grazen nam, de koppositie overnam. Toch won Ewood niet. In de laatste ronde zat hij rustig een voordeeltje uit te bouwen, maar verloor hij het eindspel opeens. Zwarts h-pion liep sneller dan de witte pionnen op de damevleugel.

Daardoor won Tobias Kabos alsnog en eindigden VR en Ewood netjes op de tweede plaats met 7½ uit 10, een halfje minder dan de winnaar. Uiteindelijk gingen ze alle drie naar de FINALE!



Gerelateerde artikelen:
NK Internetschaak; 08-04 2009