31-08-10

De ouwelullenclub

TC-vergadering

Gisteravond moest ik er weer aan geloven: ik werd op de club verwacht vanwege de Technische Commissie-vergadering. Ik dacht redelijk op tijd te zijn, maar toen ik binnenkwam, zag ik iedereen al zitten. Had ik me in de tijd vergist? Ik voelde me in ieder geval dom genoeg om er maar niet naar te vragen...

De reden dat ik in het ouwelullenclubje van de TC zit, is dat ik me met de indeling van de teams kan bemoeien (toch, Lennart?). Goede ideeën heb ik nog niet aangedragen. Wel was ik benieuwd naar de indeling van de teams en ik moet zeggen dat me dat enorm heeft verrast. In positieve zin welteverstaan. BSG 1 wordt een zeer sterk team en ook BSG 2 ziet er goed uit. Daarnaast waren er zoveel reserves dat Pieterse zelfs een zevende team wilde formeren. De jeugd van BSG kan dus ook extern gaan spelen. Verder waren er nog wat onbelangrijkere punten, die ik hier niet ga noemen. Sowieso is het schrijven over een TC-vergadering wat verdacht, daarom heb ik de details maar achterwege gelaten.


Zomerschaak
Het werd tijd voor de laatste ronde van de zomercompetitie. De zomer is morgen afgelopen (mijn buurman: "Afhankelijk van welke definitie je hanteert." xD) en na de ALV van volgende week zal de "wintercompetitie" weer beginnen. Ik besloot daarom maar mee te doen. Terwijl ik wat rond liep te lopen, sprak Bert Kieboom me aan. Of ik nog een stukje wilde schrijven over de BSG-jeugd. Het verhaal zou moeten gaan over de trainingen van Leon Pliester. Hopelijk vergeet ik dat niet...


Wie er ook bij was, was Yme B. Hij had ook wel zin om bij onze ouwelullenclub een avondje te gaan snelschaken. Ik had begrepen dat hij bij ons aan de IC zou meedoen. Leuk voor de club dat er eindelijk weer iemand van onder de dertig in de IC mee gaat spelen. Iemand waar BSG veel lol aan gaat beleven.

De witte was ook een keertje van de partij, net als Frans Hazenberg, een gevaarlijke schaker uit Almere. Laatstgenoemde speelde zowat de hele zomer mee en behaalde goede resultaten tegen de snelschaaktalenten die BSG rijk is. Eddy S. kwam pas heel laat meedoen in het toch al erg drukke Denksportcentrum. Ik had mijn eerste nulletje al geteld...

Er waren in totaal 21 spelers, waardoor we in eerste instantie 20 drieminutenpartijtjes zouden spelen. Daar hadden de oudjes (!) geen zin in, waarna er twee groepen werden aangemaakt. Het speeltempo was ineens 10' p.p.p.p. Ondergetekende zat in de hoogste groep met uitdagende tegenstanders. Zou hij ondanks een gebrek aan schaakritme nog wat moois kunnen laten zien?

Tegen Slisser ging het nog wat stroef. In een vreemde Siciliaan ontstond een stelling waarin ik dacht goed en actief te staan, maar dat was voor het grootste gedeelte optisch bedrog. Zwart kwam er redelijk uit en uiteindelijk ging een paard op d4 mijn loper weer eens domineren. Na dameruil was er echter niet zo veel meer aan de hand, waarna ik mijn dubbelpion kon oplossen en de f-lijn in handen kreeg. Toen Slisser de druk probeerde te neutraliseren, raakte hij door een geniepig schaakje een volle toren kwijt, waardoor hij maar opgaf.

Vervolgens speelde ik tegen Yme. Ik was benieuwd hoe hij zou spelen. Hij kwam met het Schots gambiet op de proppen. Dat zal Pascal hem wel geleerd hebben. Doordat hij vervolgens op d4 pakte, kon ik afwikkelen naar een dameloos middenspel waarin ik dankzij het loperpaar de betere kansen zou moeten hebben. Ik moest vrij lang nadenken om wits initiatief in te perken, waarna ik de iets betere stelling probeerde te winnen. Yme ruilde lopers, wat hem een lelijke pion op e3 opleverde, maar het was nog te verdedigen. In het eindspel speelde hij wat te actief, waardoor ik een vrije h-pion kreeg, maar door goed tegenspel was ik niet in staat ook te winnen. Met loper en pion tegen paard bood ik maar remise aan (hij ging bijna door z'n vlag, ik had een aantal seconden meer) en dat werd aangenomen.

Daarna speelde ik met wit tegen de witte. Hij werd blijkbaar verrast door mijn 1.e4, hoewel ik dat al jaren speel. Hij verraste me niet met zijn Caro-Kann, hoewel ik geen idee had wat ik daar tegen moest spelen om een leuke partij te krijgen. Gelukkig speelde hij origineel in de spraakwaterpartij. In VR-stijl ging ik met h4 en h5 naar voren, hoewel zwarts koning nog in het centrum stond. De stukken werden in hoog tempo geruild, waarna ik met een paard ging fladderen en daarmee een pion won. Dat was uiteindelijk voldoende voor de winst, waardoor ik op 2½ uit 3 kwam en de witte op de nul bleef staan.

De eerste kortsluiting ontstond tegen Bert Kieboom, toen ik de verkeerde pion sloeg (hoewel het alternatief ook niet best was) en een pion verloor bij slechte stelling. Ik dacht lang na hoe ik nog wat kon rommelen in tijdnood, maar het leek niet uit te maken. Ik ging door m'n vlag met twee pionnen minder, toen Kieboom niet uit m'n schaakje liep. Ik had er niet zo'n probleem mee (ik had wel twee minuten extra bedenktijd wilen hebben xD), totdat ik me realiseerde dat dat een doodzonde is met snelschaken. Het publiek had de onreglementaire zet gezien en er werd een overwinning voor mij geëist. :P Dat vond ik te veel eer. Met een remise was ik meer dan tevreden. ;)

Tom de Ruiter speelde weer een keer Frans. In een oefenpotje tegen Kieboom speelde hij nog Philidor en maakte daarbij volgens mij dezelfde fout als Armas: 4...Le7 en dan kun je f7 niet meer op een normale manier dekken. Ik kreeg de kans dus niet om dat af te straffen, maar ik had het idee dat ik een lekkere stelling had. Helaas verdween dat goede gevoel toen hij ineens lang rokeerde en mijn stukken ineens de verkeerde kant op stonden gericht. Ik probeerde de damevleugel aan te tasten, waarna er een lastige strijd ontstond. Ik moest zwarts pionnen in het centrum en op de koningsvleugel tegenhouden en zelf wat zien te prutsen op de damevleugel. Uiteindelijk gingen de meeste stukken van het bord, waarna ik probeerde aan te tonen dat mijn loper beter samenwerkte met de torens dan Toms paard. Helaas kon mijn binnengedrongen toren simpel geruild worden. Voor de andere toren was echter wel een heldenrol weggelegd: het ding kon de ene na de andere pion opvreten, waarna ik ineens een gewonnen toreneindspel had en Tom opgaf.

Zo had ik met 4 uit 5 een aardige buffer voor de partij tegen Eddy Sibbing. Hij vroeg naar m'n studie, waarna ik maar een heel verhaal hield over de bulaanvraag die ik die ochtend had gedaan en hoe moeilijk de inschrijving van de master wel niet was. Hij vroeg nog naar Ewood en of hij nog een weblog (!) had, waarna de partij begon. Ik moest in de opening lang nadenken, maar het leverde me wel een aardige stelling op. Ik pakte het loperpaar (!), waarna ik een machtig sterke loper had op e5. Dreigingen als ...Ld4 met een penning op de dame hingen in de lucht. Mogelijk raakte Eddy daardoor een beetje in de war en vergat hij tussendoor lopers te ruilen, waardoor ik de loper maar sloeg. Een verrassend puntje!

Vervolgens speelde ik weer een lastige partij tegen Weidema. Hij deed ditmaal 1.e4 c5 2.Pf3 b6. Ik kreeg weer een gebruikelijke schuifstelling op het bord, maar echt lekker stond ik niet. Zwarts paarden begonnen mooie velden te krijgen. Ik speelde maar rustig door, wachtend op een foutje. Dat moment kwam toen Rik met ...g6-g5? mijn loper op h6 wilde afsnijden van de buitenwereld. Helaas had de zet de vervelende bijwerking dat het paard op h5 ineens ongedekt kwam te staan. Dat beest pakte ik daarom maar van het bord en even later had ik weer een puntje binnen.

Zodoende had ik drie puntjes op rij gescoord, toen ik weer wit had tegen Frans Hazenberg. Hij speelde een Draak en daar had ik weinig zin in. Ik dacht slim te zijn door Lc4 uit te stellen, maar toen kwam ...d5 en kwam ik in een variant die ik helemaal niet wilde. Ik besloot m'n dame maar te offeren voor zwarts torens, waarna ik een tijd lang wel aardig verdedigde. Helaas stapte ik uiteindelijk toch op een mijn met Tc1? Toen ik het speelde, zag ik dat ...De5 best wel pijnlijk was: er dreigde ...Dxb2# en ...Dxe3, terwijl ik het reddende Lc1 niet meer kon doen. In het vervolg probeerde ik met mijn c-pion nog een wonder te verrichten, maar het hielp niet meer: ik liep tegen een pijnlijke nederlaag aan.

In de laatste ronde kwam ik John Markus tegen. In een vaag schuifsysteempje gaf ik pardoes een stuk weg door een tweede kortsluiting. Het was al kinderbedtijd geweest en ik was niet meer zo scherp. Blijkbaar haalde ik twee zetten door elkaar of zo, want toen ik ...Pc4 speelde, zag ik dat Johnny 'm er gewoon af kon meppen. Ik rommelde nog wat door, hopend dat ik door de vele penningen nog ergens een stuk kon terugwinnen. Dat lukte niet, maar mijn nadeel werd ook niet erger. Op een gegeven moment won ik het stuk terug door een gemene penning en in tijdnood kreeg ik zelfs de overhand. Toen Johnny nog iets van tien seconden had, bood ik maar remise aan. Ik vond het wel weer leuk geweest voor vandaag. Daarna analyseerden we nog wat stellingen, totdat het één uur was.

Ik bleek gedeeld eerste te zijn geworden met die Hazenberg. Eddy S. had een mindere dag en eindigde nog een halfje achter ons met drie nederlagen. De witte was nog opgekrabbeld naar 5 uit 9, wat net zo veel was als Slisser en Johnny Markus, die eindelijk weer eens boven de 50 procent scoorde. Tom de Ruiter klaagde dat hij het steeds weg zat te geven, waardoor hij maar op 3 punten eindigde. Yme B. (!) en Bert Kieboom verzamelden evenveel punten. Rik Weidema, die alleen van de witte en Tom de Ruiter won, sloot de rij.

Links:


Gerelateerde artikelen:
Herfstschaak; 03-08 2010

29-08-10

Kan Fattle nog inhalen?

Regen en zonneschijn op Spa-Francorchamps

De afgelopen weken kende de formule 1 een "zomerstop", hoewel het gezien het weer meer op een herfstvakantie leek. De zomerstop betekende dat het werk korte tijd stil lag in de fabrieken; een kostenbesparende maatregel. De slotfase van het seizoen is aangebroken; het rekenen is begonnen. Op het door buien geteisterde Spa-Francorchamps ging Red Bull verder met waar ze het hele seizoen al mee bezig zijn: knoeien. Dit keer maakte de concurrentie er echter ook een potje van.

Voor de race was Red Bull er niet zo zeker van dat ze de concurrentie wel even zoek zouden rijden, omdat ze op de rechte stukken niet snel genoeg waren. Vreemd, want de wagen was juist ontworpen voor de vele (snelle) bochten. Webber pakt dan ook de pole. Fattle is slechts vierde, hij moet Luis en Kubica voor laten gaan. Ferrari kwalificeert zich slecht na de veelbelovende vrije trainingen. Alonso is slechts tiende. Achterin staan opvallend veel middenmoters, die ofwel hun kwalificatie hadden verprutst, ofwel een straf hadden gekregen van de wedstrijdleiding. Vooral Shoeface had het er echt naar gemaakt. 

Race
Door het verraderlijke weer heeft een poleposition in België vaak maar weinig waarde, maar dat zou nog geen reden moeten zijn om de start zo te verprutsen als Webber deed. Hij leek er niet geheel van overtuigd dat de lichten uit waren gegaan, zo weifelend vertrok hij. De ene na de andere bolide vloog hem voorbij en Webber moest genoegen nemen met de zevende plaats na de eerste bocht. Achteraf bleek zijn verprutste start aan een probleem met de koppeling te liggen.

Luis nam daarom de koppositie over, met achter hem de goed gekwalificeerde Kubica en Button. Button passeert Kubica, waardoor de McLarens al in de eerste ronde aan kop liggen. Dat dat nog niks zegt, blijkt wel als bijna het hele veld bij de Busstopchicane wordt verrast door de eerste regendruppels. Op Webber na schiet de hele kopgroep rechtdoor. Voor Barrichello betekent dat het einde van zijn 300e race als hij Alonso niet meer kan ontwijken en zijn auto zwaar beschadigt. Alonso heeft wonderbaarlijk genoeg zelfs geen krasje en hij kan nog doorrijden. Hij besluit een gokje te wagen door maar meteen natweerbanden te gaan halen.

Die gok pakt al meteen verkeerd uit als de safetycar uitrukt. De brokstukken van Barrichello's auto vormen een te groot risico. Als de safetycar van de baan gaat, is het droog en kan Alonso al snel weer droogweerbanden halen. Vooraan trekt Luis bij de herstart een gaatje naar zijn teamgenoot. Hij snijdt de eerste bocht echter niet goed aan, waardoor Button weer vlak achter hem zit. Dat kon een link slipstreamgevecht worden, maar de regerend wereldkampioen haakt al gauw af. De rondetijden vertellen waarom: Luis is per ronde een halve tot een hele seconde sneller dan hij. Mogelijk speelde de beschadiging aan Buttons voorvleugel een rol hierin, maar hoogstwaarschijnlijk was het gewoon een staaltje teamtactiek zoals in de tijd dat Eddie Irvine nog bij Ferrari reed: de achterste auto hield iedereen op, zodat de voorste het hele veld kon declasseren. Achter Button ontstaat dan ook een heel treintje van bolides.

Fattle is ondertussen opgerukt tot de derde plaats. Ondanks dat hij later kan remmen, een hogere bochtensnelheid heeft en meer tractie bij het accelereren, het is niet genoeg. Op de rechte stukken kan hij de McLaren zelfs in de slipstream maar net bijhouden. Tot een inhaalactie komt het voorlopig dus niet. In de zestiende ronde gebeurt het dan toch: achterop het circuit zit Fattle in de versnellingsbak van Button en op het eind van het volgasgedeelte zet hij zijn bolide ernaast. Wat er dan gebeurt is echter bijna niet te beschrijven. Het lijkt op de botsing tussen Fattle en Webber eerder dit jaar, maar dan nog dommer. Bij het aanremmen verliest Fattle de achterkant van de auto. Hij maakt een corrigerende stuurbeweging en hevig slingerend boort de Red Bull zich in de flank van Buttons McLaren. Meteen stijgt er witte rook op uit het beschadigde koelsysteem. Button kan opgeven, de boosdoener kan na een reparatiestop verder rijden.

Door het ongeluk rukken Kubica en Webber op naar de tweede en derde plek. Luis moet het vooraan alleen uitzoeken. Hij heeft nog wel een buffer van zo'n tien seconden, maar in de Ardennen weet je het nooit. Ondertussen zit Fattle met Liuzzi te duelleren om de twaalfde plek, als hij te horen krijgt dat hij een drivethroughpenalty krijgt. Prompt herovert Liuzzi op het rechte stuk zijn positie, waarna Fattle maar eieren voor zijn geld kiest en zijn straf uitzit. Ditmaal kwamen er geen handgebaren van het onelapwonder uit Heppenheim.

Halverwege de race komen de pitstops. Webber stopt als eerste, maar het blijkt net niet genoeg om Kubica te verslaan. Luis komt even later binnen, waarna de volgorde vooraan ongewijzigd blijft. De baan is droog, waardoor de rondetijden steeds wat verbeterd kunnen worden. Wel is het de vraag wanneer de regen nou zal komen. De meeste weersverwachtingen kijken niet verder dan vijf minuten vooruit en de weersverwachtingen op de iets langere termijn worden niet waargemaakt.

Voor Fattle draait de race uit op een ramp als hij ook nog eens een lekke band oploopt bij een botsing met Liuzzi (!), waardoor hij helemaal kansloos wordt voor zelfs maar WK-punten. Omdat hij toch niets meer te verliezen heeft, stapt hij meteen maar naar intermediates over als het begint te regenen. Bij McLaren laten ze Luis nog een rondje doorrijden, om er zeker van te zijn dat de regen wel door zou zetten. Nou, dat gebeurde dus ook en Luis spoelde bijna van de baan. Hij kon zijn grijze bolide nog net uit de muur houden, maar het was kantje boort. Ook was hij zijn voorsprong bijna helemaal kwijt op Kubica. Het was niet de eerste keer dat McLaren op een dergelijke manier blunderde.

Achter de top 3 is wel iedereen naar de pits gegaan om over te stappen op regenbanden. De Mercedesrijders komen pas voor de eerste keer binnen; eindelijk een keer een slimme strategische zet van het team van Ross Brawn. De koplopers komen de ronde daarna binnen. De onderlinge verschillen zijn erg klein, waardoor Webber kan profiteren van Kubica's slechte pitstop. De Pool verremt zich en kegelt een monteur omver, waardoor de pitstop langer duurt dan normaal.

Zoals al eerder opgemerkt, komt Fattle nog een keer binnen voor de "extreme wets" en hoopt daarmee van zijn achterstand af te kunnen komen. Helaas voor hem vliegt Alonso dan snoeihard van de baan. Het wrak staat op de baan en de safetycar komt weer in actie. Daarmee komt er een eind aan Fattles laatste kansje. Voor Alonso was het trouwens een race om snel te vergeten. Hij had vandaag beter in bed kunnen blijven liggen.

Na de herstart gebeurt er vooraan bijna niks meer. Webber koestert zijn tweede plaats en waarom ook niet? Concurrenten als Alonso, Button en Fattle (!) scoren niet, dus kan de Australiër mooi 18 dure punten bij die lui weglopen. Dat Luis door zijn overwinning de leiding in het WK overneemt, deert hem niet. McLaren is qua snelheid dit jaar niet echt partij gebleken voor Red Bull. Belangrijker is dat de andere concurrenten flink op achterstand zijn gezet.

Op de vierde plaats rijd Felipe Massa een solide, doch kleurloze race. Dat is overigens wel precies wat je in deze omstandigheden moet doen: geen gekke dingen. Hij kan de koplopers na de herstart niet volgen. Subtiel rijdt een zeer sterke race en eindigt als vijfde, voor de Mercedesrijders. Nico Rosberg, die wat ongelukkig achter zijn teammaat was terechtgekomen, zet Shoeface door een strakke inhaalmanoeuvre lelijk op zijn nummer. De laatste puntjes worden gepakt door Co Biaggi en de agressief rijdende Petjerov en Liuzzi.

De zon schijnt voor Luis en Webber
Al met al was het een bizarre race, met veel verliezers. Opmerkelijk genoeg zaten er twee titelkandidaten bij de in totaal vier uitvallers. Door de lastige weersomstandigheden was het een erg moeilijke race, wat de grote vreugde van de winnaars na afloop ook wel verklaarde. De komende races zullen bepalen hoeveel rijders er nog tot het einde toe zullen strijden voor het kampioenschap. Als Fattle daar bij wil horen, dan zal hij of iedere race op pole moeten kwalificeren, of moet hij leren in te halen.

Links:

Gerelateerde artikelen:

27-08-10

Een zwaar jaar III

Periode 5

De vijfde periode is vanwege de veldwerken altijd een beetje een rare periode. Dit jaar was het niet anders. Er werden in drie vakken gegeven: "Besluitvormingsprocessen", een verplicht vak dat tot het veldwerk in Oostenrijk liep ("Springschool") en verder volgde ik nog het vak "Economie van het onroerend Goed". Dit economievak liep vrolijk door mijn veldwerk heen, wat niet zo gezellig was. Naast deze vakken werd nu ook "Kwartairgeologie" gegeven, maar wegens drukte heb ik daar maar amper lessen gevolgd, ook omdat ik erachter kwam dat het tentamen tijdens mijn veldwerk was. :S

Naast de lessen moest ik ook nog een onderwerp uitkiezen en papieren invullen voor mijn Bachelorthesis. Daar was is in het begin dan ook druk mee bezig. Verder eiste "Besluitvormingsprocessen", ofwel "Decision-making Processes" in die tijd alle aandacht op. Vooraf vreesden sommige klasgenoten van me dat we de docente slecht konden verstaan, omdat ze Grieks was. Nou, de colleges waren dus in het Engels. Die taal leek ze wel behoorlijk machtig te zijn. Waar de lessen over gingen? Ik had werkelijk waar geen flauw idee. Ik had het geluk dat ik met Rolex samen kon werken. Hij wist precies wat er van hem (ons) verlangd werd bij de opdrachten, waarna hij een tekst dicteerde, die ik in mijn netste handschrift (mooie ronde letters met een vrij constante x-hoogte) opschreef. Bij de eerste opdracht kregen we meteen een P++ voor Rolex' tekst. Die jongen is geniaal!

April 2010

Hoewel ik van de lessen weinig begreep, bleek ik voor de individuele opdracht wel een hoog cijfer te kunnen scoren. Het was een beetje een lulverhaal over het besluitvormingsproces van de vliegbelasting, een onderwerp dat me nu al twee mooie cijfers opleverde. Daarmee rondde ik ook dit vak met een mooi cijfer af, een hele geruststelling.

Inmiddels had ik de administratieve zaken van de thesis ook geregeld (dacht ik) en kon ik met een gerust hart het vliegtuig instappen. Ware het niet dat er net toen een vulkaan uitbarstte... De planning van de heenreis naar Salzburg had heel wat voeten in de aarde gehad en uiteindelijk gooide die stomme vulkaan bijna letterlijk roet in het eten. Maar zoals jullie weten: het kwam toch allemaal nog goed. Het veldwerk zelf was een behoorlijk succes en ik sloot de "Springschool" ook af met een mooie 7½.

Mei 2010

Bij aankomst in Nederland was er van dat goede gevoel al snel niet veel meer over. De formulieren om aan de slag te gaan voor de Bachelorthesis waren niet goed ingevuld, dus moest ik dat in orde maken. Daarnaast volgde ik nog het vak "Economie van het onroerend Goed", waarbij ik ook redelijk achterop was geraakt door het veldwerk. Ook moest ik nog het vak "Environmental Economics" herkansen. Die twee tentamens waren precies een week na elkaar en ik moest ze allebei halen. Hierdoor raakte ik met de thesis weer achterop. Bij de tussentijdse bijeenkomsten kon ik dan ook niet al te veel laten zien. Gelukkig haalde ik de vakken wel met een zesje, zodat ik me in juni vol kon richten op de thesis.

Studiepunten na vijfde periode:
Besluitvormingsprocessen 3
Springschool 3
Economie van het onroerend Goed 6
Environmental Economics (H) 6

Juni 2010
Periode 6

Zoals gezegd was ik in juni druk bezig met de thesis. Ik moest flink doorwerken om de deadline van 25 juni te halen. Die wilde ik halen, anders zou ik daarna geen vakantie meer hebben. Het lastige was daarbij dat mijn begeleider om de haverklap op vakantie of congres was. Aan de andere kant: mijn cijfer voor zelfstandig werken ging er wel door omhoog.

Naast de thesis was ik druk in de weer om me in te schrijven voor mijn Master. Dat dat niet zo simpel ging, heb ik al eerder verteld. Zelfs met de hulp van een decaan bleef het lastig, waardoor ik vaker op bezoek kwam dan me lief was.

Met de thesis ging het wel aardig. Een week voor de deadline ging ik het verslag aan elkaar schrijven en uiteindelijk redde ik het net op tijd om met een verslag aan te komen waar ik best tevreden mee was. Ik leverde mijn conceptversie in op Blackboard en ik ging mijn presentatie voorbereiden.

Juli 2010

De presentatie verliep niet al te best, maar ik was blij dat het jaar was afgelopen. Op de tweede presentatiedag kreeg ik echter slecht nieuws te horen: er werd me namelijk verteld dat mijn begeleider het conceptrapport moest nakijken, waarna ik het nog eventueel kon verbeteren en als eindversie kon inleveren. Probleem: mijn begeleider was net een paar dagen daarvoor op vakantie gegaan (en ik had 'm nog wel allervrolijkst een fijne vakantie gewenst. :P) Omdat beide begeleiders met elkaar moesten overleggen over het eindcijfer, zag ik het somber in: mijn begeleider zou op 20 juli terugkomen, terwijl de andere de 25e op vakantie zou gaan, er was dus maar een hele korte tijd dat ze allebei nog in Nederland waren. Gelukkig kwam alles toch nog goed doordat mijn begeleider mij op zijn vakantieadres van tips kon voorzien. Die tips kon ik gebruiken om mijn verslag flink aan te pakken en al heel snel kreeg ik mijn cijfer. Op 22 juli kreeg ik de evaluatie mee. Op de laatste dag van mijn 23-jarige bestaan had ik eindelijk vakantie!

Studiepunten na zesde periode:
Bachelorthesis 12

Augustus 2010
Om mijn Bachelor te halen, moest ik nog éé vak halen: Kwartairgeologie. Gisteren lukte me dat, waarmee ik mijn drie jaar van de Bachelor heb afgesloten. Het was een aparte, leerzame tijd, maar ik hoop dat het volgend jaar wat rustiger zal zijn.

Studiepunten na herkansingen:
Kwartairgeologie 6

Totaal aantal studiepunten dit jaar:
61 (Jaar 3)
6 (Jaar 2)

Gerelateerde artikelen:
Een zwaar jaar II ; 27-08 2010

Een zwaar jaar II


November 2009

Na de wat minder gezellige kennismaking met WV 1, begon ik me ook te ergeren aan WV 2. Voor dit vak hadden we zelfs een boek met slecht geschreven filosofisch geleuter. Elke maandag moesten we weer een serie domme vragen over dit boek beantwoorden, waarvoor we dan weer een voldoende of onvoldoende kregen. Ik begreep de meeste vragen maar half en verder had ik weinig zin om heel uitgebreid te antwoorden op het filosofische geneuzel. Daardoor kreeg ik dan ook niet al te hoge cijfers. Belangrijker was echter het interview van een wetenschapper. Het had iets met ethiek te maken. Mijn rol was marginaal hierin en de presentatie werd verzorgd door mijn groepsgenoten. Het enige wat ik heb bijgedragen is het kleurenschema van de Powerpointpresentatie te verbeteren. Dat was eerst een standaarddesign met bruin en groen, wat er niet uitzag. Dat heb ik maar veranderd naar verschillende blauwtinten die wel mooi bij elkaar pasten. Vreemd genoeg waren mijn groepsgenoten niet al te positief over de veranderingen. Toch vond ik de nieuwe versie nodig, anders was mijn hand helemaal niet te zien in het eindresultaat.

WV 1 was nog steeds niet al te leuk. Iedere woensdag moesten we weer een samenvatting maken van een filosofische Engelse tekst van twintig pagina's. Dat is echt niet leuk, kan ik je zeggen. Het voordeel was dat dit vak wel duidelijk ergens naartoe werkte: van een model dat menselijk gedrag probeerde te voorspellen door middel van observaties en economische principes, naar filosofen die beweerden dat het model fundamenteel fout was. Hierdoor had ik het gevoel in ieder geval nog iets te leren, wat ook wel grappig was, omdat het niet meteen in m'n interessegebied lag.


Het vak "Urban Economics" was een typisch economievak: niet al te veel lessen, niet al te moeilijk. Economen worden slapend rijk. Wel was het vak in het Engels en moesten we in het Engels een presentatie geven. Ik had geluk: ik kwam in een groepje met Kampie en Mathieu. Mathieu had een best interessant artikel uitgekozen en we zouden pas op 27 november hoeven te presenteren, twee weken later dan de eerste groep. Uiteindelijk werd het reviewen van het artikel behoorlijk uitgesteld. Mij lukte het lange tijd niet om het artikel te pakken te krijgen. Pas met de deadline in zicht werden er stappen gemaakt. Het was een best interessant artikel, over "urban sprawl", ofwel stadsuitbreiding (Duitse Wikipedia) of stedelijke wildgroei (vertaling Google), waarvan de ontwikkeling in de VS met behulp van remote-sensing werd gemeten. Mij viel een aantal dingen op, maar het verwoorden ervan was nog niet zo makkelijk. Het werkstuk (?) moest uiteindelijk een aantal punten bespreken (goede en slechte punten van het artikel en dat soort dingen) en dat moest vervolgens gepresenteerd worden. Kampie en ik hadden niet zo'n zin in presenteren (mijn gesproken Engels is volgens mij echt dramatisch: ik kom maar niet van dat Nederlandse accent (o.a. klinkers te kort, final-obstruent devoicing) af), en daarnaast heb ik een beetje de tijd nodig om een enigszins grammaticaal correcte zin te formuleren. Gelukkig wilde Mathieu het wel doen en vlot raffelde hij de presentatie af.

December 2009

Na de twee presentaties die ik niet deed, waren de vakken al bijna weer afgelopen. De laatste les van WV 1 was al op woensdag 2 december, de laatste les van "Urban Economics" was twee dagen later. Van WV 2 had ik godzijdank (!) ook geen les meer, maar moest ik een "Essay" schijven. Grofweg waren er twee type onderwerpen: of het moest over iets met religie gaan, of over iets anders. Het Essay ging over de wetenschappelijke Ondersteuning van de Evolutietheorie, het intelligent Design en het Scheppingsverhaal.* Ik vond het komisch om de natuurkunde erbij te halen, met boeken van Hawking achter de hand, waarna ik nog wat gezwam liet volgen over toenemende entropie. Misschien niet zo'n slim om het op de natuurkunde te gooien, aangezien de docent zich daar volgens mij ook in had gespecialiseerd, of juist wel. Blijkbaar overtuigde mijn verhaal niet, of viel het te ver buiten het kader, of speelde zijn overvloed aan kennis van de natuurkunde een rol, of juist mijn gebrek aan kennis wat betreft religie, want uiteindelijk kreeg ik een halfbakken vijf. Mijn geluk was dat ik voor die presentatie waar ik niet aan deelnam een zeven kreeg, waardoor ik door de wegingsfactoren precies uitkwam op een 5½. Dat was een hele opluchting. Ik heb verder niet meer naar een toelichting van de beoordeling gevraagd. Kutvak.

Ook voor WV 1 had ik geen tentamen, dat waren de inleveropdrachten namelijk. Die hadden Rolex en ik met redelijk succes ingeleverd. Was ik daar ook mooi van af. Het enige tentamen wat nog restte, was van "Urban Economics". Op een koude vrijdagochtend fietste ik door de sneeuw naar het station, zodat ik om half negen (!) aan het tentamen kon meedoen. Het tentamen was niet zo'n probleem en zodoende kon ik lekker vakantie gaan vieren.


Studiepunten tweede periode:
Wijsgerige Vorming 1 3
Wijsgerige Vorming 2 3
Urban Economics 6

Januari 2010
Periode 3

In 2010 ging ik aan de slag met het vak "Ruimtegebruiksverandering". Het was het eerste vak waarbij de lessen vooral bestonden uit het presenteren van eigen onderzoeken van de docenten. Naast de vaak slopend saaie lessen, waren er natuurlijk ook computerpractica. Driemaal raden welk programma we moesten gebruiken... Oh nee, jullie mogen maar één keer raden. Het was natuurlijk dat stomme :@#%^$&*!! Arc GIS. Tijdens de hoorcolleges werden geen instructies gegeven, wat betekende dat de eerste de beste opdracht al bijna onoverkomelijke problemen opleverde. En als er dan een keer vorderingen werden gemaakt, kwamen de Aardeconomen van het tweede jaar ons wel weer verjagen. Erg frustrerend allemaal.

Spelletjesdag 06-01 2010

Naast Ruimtegebruiksverandering had ik ook nog het vak "Methoden en Technieken". Dat vak had ik in het begin van het jaar niet gehaald en nu was er een vergelijkbare cursus, die echter een aantal voordelen had:

1) Het was in het Nederlands
2) De stof was over drie i.p.v. twee maanden uitgesmeerd (is stof smeerbaar?!)

De docent was nu beter te volgen en hij maakte zelfs af en toe grapjes. Een hele verademing. Toch waren de sheets hetzelfde als eerst, ofwel: bijna onbruikbaar. Wat ik wel raar vond, was dat de Engelse Blackboardpagina van het vak in het begin van het jaar weinig spelfouten bevatte, in tegenstelling tot de Nederlandse pagina, die stikte van de spatiefouten. En dat terwijl hij zich behoorlijk bewust leek van de spaties toen hij in de Engelse cursus het woord "saddlepoint" op het bord schreef, waarna hij zich corrigeerde door te zeggen dat er een spatie tussen moest. Dan zou je verwachten dat hij de Nederlandse samengestelde zelfstandig naamwoorden ook wel automatisch goed zou schrijven...

Voor de werkcolleges van "Ruimtegebruiksverandering" behaalde ik niet al te veel punten. Vaak weigerde het programma te doen wat ik wilde, wat vooral vervelend was als ik op mijn vrije dag probeerde een opdracht af te maken. Voor het tentamen diende ik twintig PDF-files te lezen/leren. Het was een boek over landgebruik, dat ik uit vrekkigheid niet kocht, maar waarvan ik ieder hoofdstuk apart downloadde (er waren ook nog documenten die alleen een volgende sectie aangaven :S), waarna ik de vele onderzoeken over landgebruik doorlas en hoopte dat ik de methodes nog wel zou herinneren. Op het tentamen bleek me dat maar matig te lukken, waardoor ik het vak niet haalde. Het ergste was nog wel toen ik er bij het goed laten keuren van mijn vakkenpakket achter kwam dat ik het vak helemaal niet had hoeven volgen, omdat ik zonder het vak ook al genoeg punten had... :S Ik vraag me wel af waardoor ik dan wel genoeg studiepunten heb binnengehaald. Met "Economie van het Onroerend Goed" misschien? Hoe dan ook, als ik dit geweten had, had ik dit stomme vak natuurlijk niet gevolgd.** 

Februari 2010
Periode 4

Februari is altijd een mijlpaal in het studiejaar: de tweede helft van het studiejaar is begonnen. Naast het vak "Methoden en Technieken" had ik nog twee andere vakken deze periode: "Environmental Economics" en "Paleoklimatologie en Meteorologie". Dat laatste vak was een keuzevak, dat opmerkelijk veel klasgenoten volgden. Ik deed het vak op aanraden van Rolex en uitgerekend hij volgde het vak niet. Veel andere economen deden in de plaats van Paleo een vak over transporteconomie. Ik hoopte dat de milieu-economie ook leuk zou worden, maar dat viel tegen.

Het begon allemaal al bij de eerste les, waarbij bleek dat ik me voor het verkeerde vak had ingeschreven. Dat krijg je met twee vakken die dezelfde naam hebben. Gelukkig kon ik de inschrijving nog herstellen, waarna ik op Blackboard te zien kreeg wat ik voor het vak moest doen. Voor milieu-economie moesten we dus weer eens een artikel gaan reviewen. Na een intensieve speurtocht had ik een aardig artikel gevonden, waar ik in het vervolg mijn tanden in ging zetten. Dat was dan ook het enige wat ik voor het vak deed, de lessen ervan overlapten namelijk met die van Paleo.

Erop of eronder 24-03 2010

Paleo was in het begin behoorlijk interessant, met uitgebreide colleges over weersystemen. Helaas was het tweede gedeelte, dat ging over het klimaat van vroeger (Kwartairgeologie!), een stuk minder interessant. Gelukkig hoefde ik voor het vak niet veel meer te doen dan een tentamen leren. Van hetzelfde laken een pak was "Methoden en Technieken". Ik volgde alleen af en toe de hoorcolleges als ik zin had. Hopelijk ving ik dan nog iets belangrijks op. 

Maart 2010

Mijn verslag van milieu-economie was ingeleverd, waarna ik een Powerpointpresentatie in elkaar knutselde. Op 8 Maart was de presentatiedag, waarvan ik had begrepen dat ik aanwezig moest zijn. Puur op basis van toeval zou één derde van de studenten worden uitgekozen om te presenteren. Een "random choice" dus. En dat terwijl mijn presentatie over onzekerheid ging... Gelukkig zat ik niet bij de ongelukkigen die moesten presenteren, maar viel ik bijna in coma door het vele slaapverwekkende geneuzel.

Op 23 en 24 maart had ik de tentamens. Voor "Methoden en Technieken" zou het erop of eronder worden, want meer herkansingen zou ik dit jaar niet meer krijgen. Nog steeds begreep ik veel dingen niet en probeerde ik de uitwerkingen van de oudere tentamens uit m'n kop te leren. Uiteindelijk scoorde ik een studenten-10, waar ik uiteindelijk heel blij mee was. Maar dat was echt een dubbeltje op z'n kant...

Paleo haalde ik ook vrij makkelijk, maar milieu-economie was te moeilijk voor mij, niet in de laatste plaats door een gevecht met de Engelse taal, want ik wist me amper uit te drukken. Vreemd, want dat heb ik anders in mindere mate. Maar goed, uiteindelijk was het tentamen te moeilijk voor mij, of was ik te dom, want ik haalde het niet. Al met al verliep de tentamenweek echter lang niet zo desastreus als ik had gevreesd.

Studiepunten na vierde periode:
Methoden en Technieken 6
Paleoklimatologie en Meteorologie 6

Wordt eveneens vervolgd

* De docent had een duitse Achternaam
** Ik heb de herkansing van het vak vandaag ook niet gedaan

Gerelateerde artikelen:
Een zwaar jaar; 27-08 2010

Een zwaar jaar

Derde jaar

Het is Behirder eindelijk gelukt zijn Bachelor binnen te halen. Zojuist krijg hij een (onofficieel) mailtje met daarin de tentamenuitslag van Kwartairgeologie. Tot zijn grote opluchting zag hij dat hij het vak had gehaald, waardoor hij naar alle waarschijnlijkheid zonder problemen aan zijn Master beginnen. Ter ere van dit heugelijke feit een terugblik op het afgelopen schooljaar.

September 2009
Periode 1

Het schooljaar 2009-2010 begon op maandag 31 augustus. Gelukkig had ik pas op de eerste dag van het nieuwe studiejaar les. De eerste periode was een drukke periode, met vier vakken, waarvan een paar echter maar klein waren. Het studiejaar begon met het vak "Uitwerking Onderzoekstraining ruimtelijke Analyse". Een hele mond vol en pas kort geleden begreep ik wat er nou stond. Zo is de eveneens gehanteerde aanduiding "Uitwerking Ruimtelijke Analyse Onderzoekstraining" fout geschreven, want deze naam suggereert dat het een uitwerking is van de ruimtelijke analyse van de onderzoekstraining. En dat is duidelijk niet het geval. Wel biedt het vak de kans om een machtig lang woord te vormen: "Ruimtelijkeanalyseonderzoekstraininguitwerking". Het vak borduurde voort op het veldwerk in Kampen. Het was de bedoeling dat de onderzoeken van twee groepen werden gecombineerd, om er uiteindelijk iets moois van te maken. Dat bleek al moeilijk genoeg, vanwege problemen met de geografiesoftware, maar eerst kwamen nog de peer-reviews. De eerste deadline van het jaar was al op vrijdag 4 september. Uiteindelijk heb ik me vooral geconcentreerd op, hoe kan het ook anders, de vormgeving en de spelfouten van het stukje van ons zustergroepje. Inhoudelijk kon ik niet echt gaten schieten in hun stukje, maar zij konden dat wel bij ons...

Een beetje een raar vak was "Studie en Loopbaan". Het was een vak waarbij vooruit werd gekeken naar de toekomst. Voor mij is de toekomst nog één groot vraagteken en dat maakte het vak ook lastig voor me. Ook om het afnemen van een zgn. "netwerkgesprek" zat ik niet te juichen. Ik moest dus een tijdje door een zure appel heen bijten.

Ook het begin van het vak "Economie van de Publieke Sector" was stroef. Het bleek dat we voor de eerste les al iets moesten inleveren en dat wisten heel veel mensen (waaronder ik) niet. Gelukkig kon het in het weekend worden ingeleverd. Het introductiecollege van een gastdocent (!) was echt een aanrader. Die gast legde bij wijze van spreken uit hoe je 1+1 moest uitrekenen aan de hand van de ABC-formule. Verder moesten we dus nog een presentatie geven over een vakgerelateerd onderwerp. Daar had ik ook veel zin an.


In de tweede week begon het vak "Methoden en Technieken" eindelijk. Dit FEWEB-vak werd omschreven als "zeer moeilijk", terwijl het aan de andere kant essentieel was voor studenten die de economische vervolgopleiding wilden doen (STREEM). Omdat het vak van een andere faculteit was, verliep het inschrijven ook anders dan met de andere vakken. Inmiddels is de inschrijvingsprocedure weer veranderd... Hoewel de naam van het vak het niet zou suggereren, werd het in het Engels gegeven, waardoor ik ook niet alles begreep wat die docent nou zei. Waar de lessen over gingen, wist ik vaak niet. Op een PDF-file waren talloze formules en opgaves gezet, die in de zaal amper leesbaar waren. Ook werden de stappen die naar de oplossing moesten leiden niet beschreven, een veelvuldig optredend probleem met wiskundeboeken: vaak worden er twee stappen in één keer gedaan en dan snapt iemand als ik er niet veel meer van. Ik heb dan weleens de neiging mijn eigen wetten uit de voorbeelden te destilleren ("Oh, je deelt die troep gewoon door 2") en dat is natuurlijk bijna nooit wat je nou moet doen.

Naast de hoorcolleges waren er ook nog werkcolleges. Omdat een hele grote groep studenten het vak volgde, waren er meerdere werkgroepen. Ik meende (naïef als altijd) een lekker klein groepje te hebben gevonden. Bleken die werkcolleges in het Engels te zijn... Gelukkig kon ik nog van groepje veranderen. Tijdens het eerste werkcollege stak ik nog wel wat op van de uitleg, maar verder ben ik volgens mij amper naar die colleges gegaan. Dat kwam misschien ook wel omdat apart voor die werkcolleges naar de VU moest gaan en dat vond ik niet rendabel.

Op de zestiende had ik mijn netwerkgesprek met Maarten W. Hij is een hydroloog en aangezien ik (destijds) niet zeker wist of ik nou wel de economische kant op zou moeten gaan (gezien de onheilspellende start van het schooljaar), besloot ik maar wat informatie in te winnen over hydrologie bij een vriendelijke docent. Gezien het Oostenrijkveldwerk was dat achteraf geen slecht idee, denk ik. In ieder geval had ik daarmee aan m'n verplichtingen gedaan om in ieder geval voor het einde van de maand zo'n interview af te nemen. Mij leek hydrologie heel wat (ik ben niet zo'n slapjanus die na de eerste berekening of formule afhaakt), maar die veldwerken leken me wat minder. 

Oktober 2009
Er gebeurde een tijdje niet zo gek veel, want alle ellende kwam samen op 9 oktober. Het was namelijk de tweede presentatiedag van het van "Economie van de publieke Sector" en ditmaal mocht ik aan de bak. Daarnaast moest ik nog een proeftentamen inleveren van hetzelfde vak, maar het belangrijkste was het eindverslag van "Uitwerking Onderzoekstraining Ruimtelijke Analyse".

De hele ochtend waren Rolex en ik bezig met stukken schrijven voor het verslag en die in een logische volgorde zetten. Teammaat Simon was niet fysiek aanwezig en slechts door middel van de draadloze telefonie kon Rolex hem bewegen om nog wat stukken aan te leveren. Zelf zat ik me uit te leven op het "weerwoord" en de "abstract". Het tijdgebrek was duidelijk in het eindresultaat te zien.

De presentatie ging beter. Ik had op internet veel nieuwsbronnen (!) gevonden waarin de effecten van de vliegbelasting werden beschreven. Door deze te combineren, samen met wat linkjes op Wikipedia, kon ik een redelijk beeld krijgen over de invloed van de vliegbelasting. Ik kon daardoor een mooi verhaal houden voor de hele klas. Ik wist redelijk wat ik wilde vertellen, want mijn verhaal was bijna tot m'n algemene kennis gaan horen. De presentatie ging zeldzaam goed. En dat voor een vak waarvan ik eerst het idee had dat het me tegenzat (ik haalde een keer voor een huiswerkopdracht een vijf en dat voelde best wel vernederend). Het onderwerp had ik niet zelf bedacht. Ik had geen idee waar ik het over moest houden, totdat Rolex ineens met de vliegbelasting aan kwam zetten. Ik was eerst niet zo positief, maar later draaide dat bij en had ik er behoorlijk wat schik in. Vooral het maken van de presentatie (met zelfgemaakte foto's als achtergronden voor de slides) was een leuk karwei.

Het proefexamen ging ook wel redelijk, maar we zaten nog steeds te stressen vanwege het eindverslag. Om 17:00 uur moest het verslag officieel zijn ingeleverd, de presentaties waren pas om 17:21:29 (aldus mijn horloge) afgelopen. Snel renden we naar een computerzaal, om nog een stuk van Simon toe te voegen, het geheel uit te printen en onder de deur van de kamer van Jan V. door te schuiven. Daar lagen nog tig andere verslagen, die ook pas na 17:00 uur waren ingeleverd. ;)


Het weekend brak weer aan en het eind van de eerste periode kwam in zicht. Op de 15e was de afsluitende presentatie van "Uitwerking Onderzoekstraining Ruimtelijke Analyse". Het was een rommelige presentatie en mijn optreden was megaslecht; een dag om gauw te vergeten. Op de 20e was de deadline van het netwerkverslag, dus dat leverde ik maar in. Het was inmiddels de tentamenweek en op vrijdag had ik twee tentamens: van "Methoden en Technieken" en van "Economie van de Publieke Sector". Natuurlijk was het fijn dat die tentamens pas aan het eind van de week waren, want zo kon ik nog een hele tijd leren. Langzaam maar zeker lukte het me om iets van "Methoden en Technieken" te snappen, waardoor ik op het tentamen geen één haalde, maar iets van een vier of zo. Het tentamen van de publiekesectoreconomie had daar wel onder te lijden, want erg soepel ging dat niet. Uiteindelijk haalde ik het wel en zelfs met een verrassend hoog cijfer. Door mijn toch best redelijke cijfer voor de opdrachten en mijn goede presentatiecijfer, haalde ik het vak met een 8,3. xD

Tentamendag 23-10 2009

Studiepunten na eerste periode:
Uitwerking Ruimtelijkeanalyseonderzoekstraining 2
Economie van de publieke Sector 3
Studie en Loopbaan 2

Periode 2

Op 26 oktober begon de tweede periode met het vak "Wijsgerige Vorming 2". Dat doet suggereren dat er ook een vak "Wijsgerige Vorming 1" was en dat klopt. Dat vak zou dinsdag moeten beginnen, maar de docent was toen helemaal niet aanwezig. Daarom ging een grote groep, waaronder ik, de tijd doden door voor de grap mee te lopen bij een aardrijkskundig vak. We konden immers toch weinig doen. Later die dag hadden de economen onder ons namelijk "Urban Economics", opnieuw een Engelstalig vak, dat over de economie van een stad ging.

De vakken van "Wijsgerige Vorming" verliepen stroef. Aan de ene kant interesseerde dat filosofische gezwets me totaal niet. Ik begreep dat dergelijke filosofievakken een beetje bij de identiteit van de VU hoorden: iedereen kreeg er vroeg of laat mee te maken. Zo kwam ik een keer wat oud-klasgenoten van Econometrie tegen. Die wisten ongetwijfeld wat me te wachten stond... In het begin waren de colleges van WV 1 een ramp. We moesten filosofische teksten samenvatten en daarbij moest de samenvatting aan allemaal vage regels voldoen (geen bulletpoints, de regelafstand moest 1,5 zijn en dat soort dingen), anders kreeg je meteen een één. Naast de gemiste les was dat opnieuw een fijne kennismaking met C. Krijnen. Al sidderend liepen we die eerste donderdag de zaal in, wachtend op het moment dat aan jou een moeilijke vraag gesteld werd. Ik was bang dat ik dan in dusdanig gestotter zou vervallen, of de essentie van de tekst niet goed wist, dat ik daardoor geen cijfer voor het werkcollege zou krijgen. Zakken op dit vak zou wel de grootste sof ooit voor me zijn.

Wordt vervolgd vanwege etenstijd

Gerelateerde artikelen:
Een slecht jaar; 28-08 2009

26-08-10

De administratieve deadline


Over zes dagen begint het schooljaar 2010-2011 officieel. Na een maand vakantie te hebben gehad, nadert het volgende schooljaar met rasse schreden. Het lastige hierbij is dat mijn inschrijving voor volgend jaar nog niet rond is en dat deze voor het nieuwe schooljaar rond moet zijn.

Vandaag had ik mijn hertentamen van Kwartairgeologie, een tweedejaarsvak, dat ik destijds (zo'n beetje als enige) niet haalde. Tijdens de herkansingsmomenten zat ik tot tweemaal toe (!) in Oostenrijk, waardoor ik het vak nu pas kon herkansen. Het wachten is nu op de uitslagen.

Als ik het tentamen niet haal, dan heb ik volgens mij best wel een probleem, want dan kan ik niet aan mijn Master starten. Verhalen dat je met 168 van de 180 studiepunten zou worden toegelaten, omdat het een doorstroommaster was, bleken volkomen onwaar te zijn. Om aan STREEM te mogen beginnen, MOEST ik alle vakken gehaald hebben. Ik moest dus maar hopen dat ik voor Kwartair een voldoende zou halen.

In het begin van de vakantie regelde ik met een decaan de inschrijving voor het aankomende schooljaar. Het digitale systeem was veranderd, wat het inschrijven er niet makkelijker op maakte. Na een aantal bijeenkomsten was het gelukt om me in te schrijven en te betalen, waarna ik nog twee resultaten nodig had: van de Bachelorthesis en van Kwartairgeologie. De Bachelorthesis rondde ik vorige maand af, het hertentamen van Kwartair was pas vandaag. 

De vraag is of het tentamen voor de 31e is nagekeken, wat overigens gezien de bescheiden groep herkansers wel zou moeten lukken, en of het ook op tijd aan het Studiesecretariaat wordt doorgegeven. Pas wanneer het cijfer binnen is, kan ik mijn Bul aanvragen. Voor de bulaanvraag heb ik nog de tijd tot 10 september, dus dat zal wel moeten lukken. Echter, om voor STREEM te worden toegelaten, moet ik wel voor de 31e kunnen laten zien dat ik mijn Bachelor heb gehaald, ofwel: het tentamen moet al in het weekend zijn nagekeken, zodat ik maandag mijn bul kan aanvragen en met die aanvraagformulieren (zo vermoed ik) bij het Studiesecretariaat van FEWEB kan binnenwandelen, om alsnog te worden toegelaten.

Het wordt echt heel spannend of dit nog gaat lukken. Het Studiesecretariaat van mijn eigen Faculteit (FALW), is alleen van 10:00 tot 13:00 uur geopend, dus als de resultaten pas maandagmiddag worden ingeleverd, ben ik het haasje. FEWEB gaat me namelijk niet "met terugwerkende kracht" inschrijven als ik de zaken uiteindelijk na de deadline toch op orde blijk te hebben.

Ik vraag me dus af of dit gepriegel en gehaast nou standaard is. Waarom wordt het de studenten zo moeilijk gemaakt zich in te schrijven? Is dat altijd zo geweest? Is dat bij elke faculteit zo? Ergens klopt er gewoon iets niet in het systeem. Of de tentamens zijn te laat, of de deadline is te vroeg, of er is te weinig flexibiliteit. Ik mag toch veronderstellen dat ik niet de enige derdejaarsstudent ben die in de zomer nog iets mocht herkansen. Meer mensen zouden door deze vreemde regeling in de problemen kunnen komen. Waarom wordt er zo hard met studenten omgesprongen? Ik heb me de afgelopen drie jaar toch wel genoeg bewezen?

Al met al heeft deze vakantie vooral in het teken gestaan van de Uni en niet in het teken van lol maken. Volgend jaar moet ik maar weer eens op vakantie gaan. Een schaaktoernooi als Pardubice lijkt me wel wat. Helaas heb ik eerst nog iets van 42 weken die in het teken van de Uni staan, onderbroken door één week Kerstvakantie. :( Het enige geluk is dat economen zo weinig contacturen hebben...

Gerelateerde artikelen:
Eindelijk vakantie?; 22-07 2010 

15-08-10

ONJK 2010


Door de ogen van een begeleider

Afgelopen week werd het zoveelste ONJK gespeeld. Dit jeugdtoernooi, dat sinds enkele jaren onder de belachelijke naam "Euro ChessTournament" door het leven gaat, werd mogelijk voor de laatste keer op de campus van de Universiteit van Enschede gespeeld. Een teleurstellend aantal van slechts 323 deelnemers meldde zich uiteindelijk aan, veel minder dan tijdens de hoogtijdagen in Hengelo. Vreemd, want het was echt schaakweer, met zeer gematigde temperaturen. Blijkbaar spreken de catacomben die naar de speelzalen leiden niet echt aan.

Behirder was mee als een soort begeleider. Pascal L ging namelijk met een groep (voornamelijk Baarnse) schakers en ouders/begeleiders richting Enschede. Er was een boerderij gehuurd waar we fijn konden overnachten. Voor Behirder, die zichzelf door middel van een e-mailtje uitnodigde, was ook nog wel plaats. Hetzelfde gold voor Pinda. Hij besloot op het laatste moment mee te gaan en dat was boffen voor Behirder, die fijn mee kon rijden. Daarmee had hij meer geluk dan met zijn broertje, die nota bene op de campus woont, maar geen zin had dat degene die hem het schaakspel leerde er twee nachtjes mocht slapen. Wel behirde hij Behirders bagage. Op maandag kwam hij de tas en koffer braaf brengen.

De missie
Voor Behirder zou er een mooie tijd aanbreken. Hij had één doel voor de "vakantie": opnames maken voor het schaakpromotiefilmpje. Verder mocht hij zich verheugen op een potje voetbal en de schaakanalyses. Naast twee studieboeken nam hij een aantal schaakboeken mee: enkele openingsboeken en wat boeken uit de serie "Lekker schaken". Hopelijk was hij daarmee goed voorbereid op mogelijke vragen van de deelnemers.

Het Baarnse kamp had een aantal redelijk bekende spelers in de gelederen. Adriaan de Jongh was een outsider in de A-categorie, Jesse Bassant een sterke middenmoter, terwijl Bart en Yme Brantjes ook tot leuke dingen in staat kunnen zijn. In de B-categorie had je natuurlijk nog Kasper Wiegers. De kinderen in de nog jongere categorieën kende ik niet en eerlijk gezegd ging mijn aandacht daar ook niet echt naar uit. Ze hebben nog geen reputatie opgebouwd bij me. Pas als ik ze in een later toernooi weer tegenkom, kunnen hun resultaten me wat schelen. Hetzelfde geldt voor de spelers die ik bij het ONJK in 2007 als stukjesschrijver tegenkwam. Sommige gastjes spelen nu al in de A-categorie mee en ik heb ze meegemaakt toen ze nog jong waren. Wie weet kijk ik zo over drie jaar ook terug naar dit ONJK.

Over de stukjesschrijvers gesproken: daarin deed BSG lekker mee. Lenaard nam de verslaggeving van de A-categorie voor zijn rekening, de witte deed de D-categorie. Behirder vond het eigenlijk ook wel vet om te schrijven als schaakcriticus, maar dan moet het schaaktechnisch wel interessant zijn. Misschien een idee voor volgend jaar?

Een gewone dag
Het ONJK is een zwaar toernooi. Niet alleen voor de spelers, maar ook voor de begeleiders. Iedere dag werden we om half acht gewekt en dat was verdomde vroeg. Het ontbijt stond al op tafel, met veel verschillende typen brood, hagelslag en smeerseltjes. Ik propte me daar maar lekker vol. Zin om een lunchpakket mee te nemen had ik niet, liever kocht ik bij de campussupermarkt een paar verse (!) croissants. Om vijf voor half acht vertrokken we doorgaans, om dan vijf minuten voor het begin van de ronde aan te komen.

Hoewel de persruimte eigenlijk verboden gebied was voor onbevoegden, liep ik iedere dag vrolijk naar Lenaards werkplek. Hij kon op zijn laptop fijn de livepartijen zien, terwijl hij ondertussen probeerde stukjes te tikken. Als hij er niet was, kon ik zelf eens een blik werpen op de toernooisite. Een eigen computer of laptop had ik daar niet en de computers in het café waren ook verdwenen. Tot mijn spijt kon ik dus geen leuk artikel schrijven of mijn Hyves opleuken met een herpublicatie van een oud artikel. Daar baal ik wel van.

Large op normenjacht
Bij de Young Masters kon beertje Large een IM-norm halen. Zeker in het begin van het toernooi kon ik hem nog voor de partij groeten/succes wensen. Large stelde niet teleur. Hoewel Large bij de vreemde openingsceremonie het slechtste paringsnummer kreeg (hij had geen keuze meer), waardoor hij begon met twee zwartpartijen, weerde hij zich kranig door twee halfjes te pakken. Vervolgens won hij een theoretisch duel van Floris van Assendelft en stond hij op 2 uit 3. En het mooie was: in alle drie de partijen had hij de overhand gehad.

Verslaggeving
In de A-categorie schreef Lenaard veel over Eugene Riaan d'or. Niet alleen omdat hij "top seed" (een VRESELIJKE term) was, maar ook omdat hij een T-shirt van "Muse" aanhad. Van die vreselijke band is Lenaard helemaal idolaat. Het gevolg was dat de overige deelnemers er maar bekaaid van afkwamen. De wist-je-datjes, die nu overigens wist-u-datjes heten, waren een groter succes. Zo werd er vermeld dat Baarn zelfs een dopingexpert had. Zelfs bij ons is er vervolgens over gesproken wie dat nou was en wie het "wist-u-datje" naar buiten had gebracht. Uiteindelijk bleek dat het Pascal was in een lollige bui. Ook kwam het slaappraten van Adriaan de J. in een wist-u-datje. Ik heb geen idee wie dat gelekt heeft. Naast mij kunnen het alleen Pinda of Jesse B. zijn geweest, want die sliepen bij hem op de kamer. Hoewel ik zelf de eerste nacht amper een oog heb dichtgedaan, heb ik het beruchte woord "mondholte" niet gehoord.

Na verloop van tijd besteedde Lenaard meer tijd aan de wist-u-datjes dan aan de verslagen. Er kwamen steeds meer wist-u-datjes binnen, die uiteindelijk niet allemaal in het dagverslag kwamen. De twee pagina's waren zo gevuld. Op het eind van het toernooi daalde het niveau van de wist-u-datjes en kwamen wat ouders op hoge poten verhaal halen omdat een wist-u-datje niet zo leuk was voor iemand.

Schaken, lekker belangrijk
Het ONJK was een toernooi waarbij het schaken wel heel nadrukkelijk op de tweede plaats kwam. Zo was er een rel bij de Hulsbeekgangers-als ik me niet vergis-waar kinderen in een ander dorp uitgingen. Dat zouden hun ouders niet zo leuk vinden, dus dat kon maar beter niet in de wist-u-datjes en bla, bla, bla.

Ook in de A-categorie leek het schaken op de tweede plaats te komen. Zelden heb ik in de kopgroep zo'n zooitje impotente schakers gezien. Dat Tijmen Kampman de hele tijd bovenin meedraaide, was veelzeggend. Topfavoriet Eugene Riaan d'or speelde lang niet zijn beste schaak, maar desondanks bleef hij ongeslagen. Vooral Tom Meurs zal zich nog vaak achter de oren krabben waarom hij remise aanbood in een praktisch gewonnen stelling.

Toernooianalyse
Adriaan de Jongh vocht zich na een matige start goed terug in het toernooi. Na een zege op kamergenoot (!) Jesse Bassant, boekte hij in de vijfde ronde een zwaarbevochten overwinning op Thomas Hummel. Die speelde een vreselijk ruksysteem en was alleen uit op remise. Adriaan kwam slecht te staan in een poging iets te forceren, maar desondanks bleven de remiseaanboden komen. Toen de witte druk langzaam verdween, won Adriaan een op het oog remiseachtig paardeindspel. Na nog twee gedegen overwinningen, maakte hij in de laatste twee ronden netjes remise tegen de ratingfavorieten Eugene Riaan d'or en Koen Lambrechts, om uiteindelijk als gedeelde derde te eindigen. Niet slecht.

Eugene Riaan d'or won uiteindelijk het toernooi. Hij stond de hele tijd aan kop, dus in dat opzicht was het wel verdiend. Zijn partij tegen Adriaan de Jongh was de enige normale partij aan de kopborden. Met afgrijzen zat ik naar de partijen te kijken, zo slecht als er geschaakt werd. Lenaard kan dat doorgaans nog wat krachtiger verwoorden (hij had dit keer eens geen hulp van mij nodig xD) en kwam met een strakke actie: de spelers werden enorm gedisst en de partijen werden niet besproken:

Het is ook de ronde op vrijdagmiddag. De ronde waar de meeste blunders worden gemaakt en waar mensen het meest moe zijn. En vooral die blunders en vermoeidheid voerden de boventoon vandaag. Zo waren er irritaties op bord één na een remisepartij, liet op bord twee iemand zijn dame insluiten, overzag bord drie dat een paard een dame aanviel (Pf6-g8?? in plaats van Pf6xDh5 - paarden moeten altijd naar voren, Tijmen!) en was op bord vier een complete walk-over. Dit heeft niets met toernooischaak meer van doen, zeker niet voor de A-groep. En... tot overmaat van ramp viel de achtste ronde van dit toernooi ook nog eens op vrijdag de 13e.

En ik maar denken dat er 's ochtends veel blunders worden gemaakt... Vooral de partij Mostertman - Kampman was een afschrikwekkende openingsmishandeling, waarin wit zich op de zesde zet zich al zijn goede loper liet afnemen, met een lelijke dubbelpion op de koop toe. In het vervolg deed hij geen enkele goede zet meer. Was dit nou de Milan Mostertman die Tom meurs er in de ochtendpartij zo netjes af had geschoven?!

Norm
Ondertussen was Large dicht bij zijn tweede IM-norm gekomen. Hoewel hij op woensdag een ongeluksdag had (hij verloor twee keer) en op donderdag een gewonnen stelling tegen Christov Kleijn remise liet worden, deed hij op vrijdag de dertiende (!) alles goed door eerst Bart Miedema (staks laat die jongen zich nog naar zijn derde naam noemen; wat is er nou mis met "Roi"?) te beuken en vervolgens de koploper met zwart op remise te houden. Die had aan een halfje genoeg voor in ieder geval de gedeelde toernooiwinst en blijkbaar vertrouwde hij de stelling niet meer zo. Zodoende moest Large in de slotronde "alleen" nog remise spelen in de laatste ronde met wit. Dat zou wel moeten lukken en het lukte ook, waardoor hij een welverdiende tweede IM-norm scoorde. Met een beetje meer geluk had er achteraf misschien zelfs een GM-norm in gezeten...

Baarnse successen
Voor het Baarnse kamp waren de successen verder mager. Jesse B. en Bart hadden last van het Bad-shape-close-match-syndroom, waardoor ze geregeld punten lieten liggen tegen zwakkeren en niets scoorden tegen sterkeren. Yme Brantjes begon weer eens heel goed, met een paar bemazzelde zeges, maar daarna zakte hij ver weg, net zoals tijdens het afgelopen Pinkstertoernooi. De vier A-categoriespelers van het Baarnse kamp kwamen elkaar ook tijdens het toernooi tegen. Steeds eindigden de duels in het voordeel voor de hoogst geëindigde: Adriaan versloeg Jesse in een vage partij, Jesse won van Bart en Bart won van Yme. Kortom: de positieve uitschieters werden vooral tegen elkaar gehaald.

De jonkies waren grillig, sommigen presteerden behoorlijk, anderen waren vooral erg bedreven in het binnenhalen van nullen. In een wist-u-datje werd vermeld dat er een "poppenmysterie" was in het Baarnse kamp. Dat was geen doll-mystery, maar het mysterie van de poppetjes die in de nullen van Kasper W. op het scorebord op de boerderij verschenen. Daar was een goede verklaring voor: Behirder tekende die erin. Dat kwam doordat Kasper na een goede start van 2 uit 2 zijn eerste nulletje pakte tegen een sterke speler. De nul was echter zo groot (bijna het hele vakje), alsof het een vette nederlaag was en dat vond ik zielig. Dus tekende ik er een smiley in, maar dat werd niet gewaardeerd; ze werden steeds weggeveegd.

De matige prestaties zijn voor mij hebben me wel achter de oren doen krabben (daar ben ik momenteel mee bezig), want met zoveel begeleiding en trainers zouden de resultaten toch juist beter moeten zijn? Daarnaast was het gezellig en werd er door middel van voetbal ook aan lichaamsbeweging gedaan. Een gezonde geest hoort immers in een gezond lichaam. Maar de vlieger ging niet op. Zouden we te weinig nachtrust hebben gehad? Wie weet, want zelfs voor mij was het uiteindelijk een zwaar toernooi door te weinig nachtrust. Voor de deelnemers zal het nog wel een paar keer erger zijn geweest.

Voetbaltoernooi
Een minpuntje van de week was het voetbaltoernooi waar de Baarnse delegatie niet aan meedeed. Pascal vond (wellicht terecht) dat het niet leuk was voor de kleintjes, dus gingen we op de boerderij voetballen. Terwijl de kleintjes nog aan het zwemmen waren, zaten wij een beetje te wachten en te computeren. Ik had geen laptop, dus kon ik me alleen een beetje vermaken met mijn studieboeken. Pas om kwart voor vijf werd er begonnen met paaltjesvoetbal, waar bijna niemand aan mee wilde doen. Vervolgens kwam er een voetbalwedstrijd, waarin ik met mijn kuitblessure maar de stand bijhield. De wedstrijd was afgelopen toen het eten op tafel stond. Daarna is er niet meer verder gespeeld, waardoor het Baarnse "toernooi" een beetje in een anticlimax eindigde.

Voor de "BSG-beertjes" (door Lenaard ingeschreven als "BSG Beertjes") was het wegvallen van Baarn een fikse aderlating. Plotseling zat het team met een personeelstekort. De essentiële zesde speler werd maar niet gevonden. Gelukkig kwam Behirder Joost Offringa tegen en die bleek wel zin te hebben in voetbal, ook al beweerde hij heel slecht te zijn in voetbal. Helaas heb ik er niks van kunnen zien, omdat ik toen alweer op de boerderij nabij Schaatsbergen zat. Ik had immers geen zin om dat hele eind terug te gaan lopen met m'n manke poot.

Avond
In de avond werd er doorgaans nog wat voorbereid en soms gingen we Dalmutiën. Er waren ook nog ideeën voor bughousen, maar daar is helaas niks mee gebeurd. Op andere avonden stond de TV aan met een hemeltergend slechte Amerikaanse serie. U kent dat wel: lelijke, overacterende acteurs die constant ontiegelijk flauwe grappen maken die alleen grappig moeten zijn door het grove taalgebruik en om het geheel compleet te maken zetten ze er zo'n irritante lachband onder, zodat het lijkt alsof er toch nog iemand om lacht. Uiteindelijk gingen we pas ver na twaalven slapen, waardoor we iedere dag brakker werden. Adriaan was slim: hij ging vroeg naar bed, al valt het te betwijfelen of hij wel lekker heeft kunnen pitten met al die gezelligheid aan de andere kant van de deur.

Verkiezing
Over lelijk gesproken: de Miss-en-Mr-Enschede-Verkiezing was er ook weer. Naarmate het toernooi vorderde, namen deze bij-evenementen een steeds belangrijkere plaats in bij Lenaard. Behirder kon een geslaagd filmpje daardoor wel vergeten, want hij heeft niet zo'n touch met kinderen. Wel kon hij de stemformulieren uitknippen. Vreemd genoeg was local hero Floris van Assendelft niet genomineerd voor de verkiezingen. Hoeft de Mr Enschede helemaal niet meer uit Enschede te komen?! :S Bovendien is Floris de enige gentleman van het toernooi. En wat te denken van Tijmen Kampman?

Slot
Op de slotdag moest ik weer op tijd naar het westen des lands, zodat ik op de verjaardag van het mOnStErTjE kon verschijnen. Ik vroeg hoe Ewood mee wilde gaan, maar hij bleek niet eens van het feest af te weten. Meerijden met pinda kon ook al niet, want zijn auto zat vol met bagage. Dat deed ik maar wel. De prijsuitreiking heb ik dus gemist, maar ach, ik had toch niks gewonnen. Het was een vaag toernooi. Volgend jaar mogelijk op een andere locatie. Dan zal ik eens wat nadrukkelijker vragen naar mijn rol. Wie weet is mijn rol om dan de ronden accuraat te verslaan...

Gerelateerde artikelen:

06-08-10

Postzegelvoetbal

Amersfoort wint met iets van 10-4 van Soest

Na enkele weken van afwezigheid was Behirder er gisteren weer bij. De vijfde voetbalmatch tussen Soest en Amersfoort werd in Amersfoort gespeeld. Het was een miniveldje van kunstgras, waar de plaatselijke hangjongeren lekker rondhingen. Gelukkig gingen zij weg toen wij aankwamen.

Op het veld van postzegelformaat was het moeilijk voetballen. Amersfoort had Jeroen Bügel in de gelederen en was daarmee vele malen gevaarlijker dan in de voorgaande duels. Behalve een gelijkspel in Amersfoort, had Soest op eigen terrein een hele grote zege geboekt in de wedstrijden waar ik niet bij was. Dat gaf vertrouwen voor deze wedstrijd, maar al gauw was daar niks meer van over.

In de openingsfase ging het nog wel goed. Amersfoort speelde opvallend verdedigend en ik had vaak niet eens een mannetje dat ik kon dekken. Het ging pas mis bij de terugspeelballen. Behirder zag zich genoodzaakt een bal naar de keeper (de witte) te spelen en schoot hem iets naast het doel. De witte stond echter aan de andere kant en was niet blij met de krachtsinspanning die hij moest leveren. Bij de tweede terugspeelbal durfde ik niet nog iets stoms te doen, maar schoot ik daardoor te zacht. De bal werd onderschept, de witte ging liggen en werd omspeeld, waarna ik tot mijn afgrijzen zag dat ik een assist had gegeven. Het was echt gepruts op de vierkante centimeter.

Het gevolg was dat ik al gauw gewisseld werd. We speelden namelijk zes tegen zes en daardoor hadden beide teams een wisselspeler. Toen ik niet in het veld stond, werd de gelijkmaker gemaakt. Uiteindelijk kon ik weer meedoen en begon Amersfoort offensiever te spelen. De thuisploeg liep uit tot 8-1 of iets in die richting. De handige aanvallers waren bijna niet af te stoppen. Aan de andere kant van het veld kon Soest weinig doen. Ewood had een rustige avond. De aanvallen van Soest misten het vernuft en de klasse om in iets moois te eindigen.

Pas heel laat, nadat een stel hangjochies mee wilde doen, wat ons niet zo'n goed idee leek, raakte Amersfoort een beetje buiten adem en kwam Soest terug. Behirder was opgelucht dat er ook nog doelpunten vielen met hem in de gelederen, maar verder dan een assist en een schot op het doel kwam hij niet. Vaak had hij het idee niet serieus te worden genomen, als hij op rechts mee naar voren ging, maar de bal nooit kreeg, ondanks dat hij een zee van ruimte had.

Toen het donker begon te worden, ging het spel nog even met vijf tegen vijf verder en dat beviel Soest veel beter. Uiteindelijk werd het nog iets van 10-4, zodat Soest in ieder geval nog iets had gepresteerd. Na de wedstrijd bleven we nog heel lang met Large en Jeroen B. hangen. Pas tegen middernacht vertrokken we weer naar huis. Het tienen na afloop was leuker dan de wedstrijd.

Volgende week is Behirder in de buurt van Enschede, dus de volgende wedstrijd die hij zal spelen, zal wel weer in Amersfoort zijn. Hopelijk heeft men dan een wat groter veldje uitgekozen.

Gerelateerde artikelen:
Golden goal; 16-07 2010